Als een uil voor ’t gotegat

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in       9 months ago     301 Views     Leave your thoughts  

Hij heeft aan de panne gelekt (hij is slecht terechtgekomen)


’t is een panneke met een langen steel (het duurt erg lang)


’t past lijk nen hoed up nen borstel (het past in het geheel niet)


Hij heeft een borstelsteirt ingeslokt (hij is lang en mager)


Hij heeft in de seule gestampt (hij heeft een flater begaan)


Dat past lijkt een tange up een zwijn (dat raakt kant noch wal)


Beter een lap dan een gat (beter een gelapt hemd dan een gescheurd)


Hij heeft een miere in zijn broek (hij is erg onrustig)


Zijn hemde in de Franse waste doen (binnenstebuiten draaien)


Ze smijt met haar mutse naar de mane (dat is volstrekt nutteloos)


Ik ga mijn lichte schoenen aantrekken (ik ga me haasten)


Hij kwam thuis met de kouse op zijne kop (hij was gebuisd)


Hij kijkt deur een ijzeren bril (hij zit achter de tralies)


Ze is een remedie tegen de liefde (ze is erg lelijk)


Hij heeft zijn arme gebroken van ’t geven (hij is erg gierig)


Luie maandag houden (niet werken op maandag)


Entwie scheiren zonder zepe (iemand bedriegen)


Zo zat zijn als een kiekendief (erg dronken zijn)


Hij heeft al veel paaseiers gegeten (hij wordt oud)


De kosters kiekens wachten (hij is begraven)


Hij heeft o zo vele geld lijk dat een puit pluimen hèt (hij is arm)


Zijn goudvinken zijn weggevlogen (zijn geld is verdwenen)


Zijn ziele zit in zijn coffrefort (hij stelt geld boven alles)


Hij laat de breeveertiene waaien (hij speelt de groten here)


Zijn muizen liggen dood in ’t schapraai (hij heeft niets om te eten)


Geen nagel hebben om zijn hoed aan te hangen (arm zijn)


Als Pasen en Sinksen op de zelfste dag vallen (dus nooit)


Men moet de duivel niet zwarter maken dan hij is (niet te veel kwaad spreken)


Keremesse in d’helle (het regent terwijl de zon schijnt)


Het past hem lijk botten aan een ezel (zijn kleding past helemaal niet)


Hij ligt in ’t eendebier (hij is in het water gevallen)


’t is een henne met sporen (het is een kwaad wijf)


Ge zijt de baas in ’t kiekenkot als de haan er niet is.


Hij heeft de papegaai geschoten (hij heeft het er goed van af gebracht)


Hij zit als een uil voor ’t gotegat (hij zit er bij voor spek en bonen)


Ze gaapt als een mossel die in de warmte komt. (ze is vreselijk moe)


Hij komt rood lijk nen stokvis (hij is lijkbleek)


Mijn beer begint te dansen (ik krijg honger)


Het is een haze als hij in de klavers zit (het is een babbelaar)


Vertrek met uw luizen (maak dat je weg bent)


Hij ziet eruit als een afgepeurden patat (zweterig en ontdaan)


Een mens is geen patat (hij kan zich vergissen)


Ze zaaien erreweten (het hagelt)


’t Hooi is op en de koe is dood (er is niets meer over)

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>