Brief aan gebeur Pit

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in       2 years ago     392 Views     Leave your thoughts  

Crombeke, den 30 january 1857,

Gebeur Pit,

Gij hebt verduiveld aan uw woord gehouden van in de gazette te durven schrijven, het is eene tjente sneuve voor de boerage gilde van Veurnse die wil zeggen dat de boeren maar verstand hebben om op hun hof en velden te wroeten en grachten te maken.

Zie, Pit, ik was content als ik het zag, en ik moet hiervoor ook den heer uitgever bedanken omdat hij zo goedwillig uwe welgestudeerden brief in zijne dorpsbode geplaatst heeft, die zeker ook wel zo vele koppelegentie zal hebben dan mijnen over te nemen, te meer daar hij zegt zoo wel ten dienste van Stavele als van Roesbrugge te zijn, ‘k ben justement ik van Crombeke, maar Crombeke is daar zekerlijk ook in gerekend?

Gebeur, onze kleenen Koben komt juste thuis van zijn dagelijks pensionnaat en hij brengt me de gazette in zijne stutte male, het kind is beslik als onzen jouf jouf en ik zag daarin uwe maniere van peizen en ‘k zeggen morventer gebeur heeft gelijk en ik liep seffens te rade bij onzen geleerden vriend Berten om te vragen of ik wel zoude doen van uwe stappen te volgen en mijnen Kobel doen schrijven en ik dicteeren, en hij zei me van ja.

O gebeur die goede vent neemt onze zake ter herten en de tranen sprongen uit zijne oogen toen ik hem sprak over de schromelijke groote sommen geld dat wij jaarlijks voor prochiekosten betalen, en hoe uwe gemeente zichzelven wil versmoren met het maken van nieuwe dammen en duikers bij al de reste in de meerschen, en wat moeder Wantje, zijne mettemoei, en uw Bello te bezeuren hebben, als zij naar Roesbrugge markt moeten, en onze knechten en meiden als wij winkelware of klachooresnoor of koebans nopdig hebben, of een espert moeten halen als er eene koe op ‘t kolven staat en ander en ander dingen die toch wekelijks en dagelijks geburen, als ook voor onze leveringen van granen en appels en voor … voor …nu, gebeur, hij krees lijk een kind en was ferme spijtig dat die mannen die met onze vijffrancstukken speelen niet eerder en peizen van cochien langst onze schoone groote vruchtbare velden te leggen recht naar de plaats waar wij meest noodig zijn, het zij om vette of anders, in plaats van eerst veere weg in de busschen te loopen die toch meestendeels maar heessems en brandhout voortbrengen.

Het is inderdaad, gebeur, schande dat onze rijke platsenaars van onze beide gemeenten niet meer ledeliden met ons boeren, hebben, daar het toch al ten hunnen profitte is dat wiuj spreken, want is ‘t niet waar Pit, liep er van Stavele en Crombeke langst onze hofsteden eene cochie naar Roesbrugge, in plaats van dagelijks in de landsherbergen te zitten wij gingen somtijds ook naar d’eene of d’andere platse, wij zouden daar ook onze partie kunnen marjagien en eene ferme pinte pakken, want, om naar huis te komen het ware dan cochie wij zoudenb geene benauwdheid moeten hebben van in de dijken te subbelen.

Maar al ons babbelen zal mogelijks niet helpen, Pit, toch als die groote platse mannen voor de boeren geen consideraeje bezitten en niet willen zien wat hun en ons nodig is, wij zullen daarom niet laten van over onze zake te klappen en wij zullen er op wederkeren zondage ik zal u achter eten van de noene komen bezoeken.

Aanveerd, gebeur Pit, alsook gij Mr den uitgever, mijne …neen …wacht, ‘k vergat nog te zeggen dat vriend Berten mij gezegd heeft dat ik aan u moest zeggen Pit, als gij somtijds zoude in kolere komen, zoo als gij zegde, gij nooit bij den minister van oorlog loopen mag, want die vent trekt hem geene cochiezaken aan.

Uit ‘De Dorpsbode van Rousbrugge’ van 3 februari 1857 (www.historischekranten.be)

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>