De kruisbekken zijn strontvogels

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in       1 year ago     499 Views     Leave your thoughts  

KRUIS (wvl. KRUUS), o. Tien (omdat de letter X, die 10 doet, een kruis verbeeldt).
Een tiental jaren. Hij telt reeds drie kruisen (hij is 30 jaar oud). Als men aan vier kruisen is, begint men te dalen. “ Die nu met ses of seven kruyssen zyt geteekent ” 60 of 70 jaar oud zijt.
(F. Vanden Werve.) “ Telt gy waerlyk al zestig? Nog niet toe, precies; maar met den eersten van Oogst mag ik een zesde kruysken teekenen. ”
(C. Dnvillers.)

Eene kalkmaat van vijftien zakken of tien hektoliters. Een kruis kalk. Drie kruisen kalk.
Een kruise melk, dat is twaalf stoepen.

Over kruis, in ’t vierkantte, de lengte vermenigvuldigd door de breedte. Eene plaats van vijf voeten over kruis (25 voet ‘vierkant, 5 lang en 5 breed).

Over kruise, op wijs van een kruis. Met de beenen over kruise zitten. De armen over kruise slaan, over kruise houden op de borst. De beenen over kruise leggen.

Of dat hy wel gerust moet blyven in syn huys,
En zitten ongemoeit met d’ handen over cruys.
(G. De Dons.)

Als hij, gelukkig van vader te zijn, zijnen Jan op zijnen arm ophief, en hem leerde schoone zijn kruiske maken. ” (K. Callebert.)

KUISBEENEN, kruisbeende, heb of ben gekruisbeend, de beenen schranken, de beenen kruislings over elkander leggen, fr. crm’eer lesjambes. Kinders verlustigen
zich somwijlen met te gaan ofte loopen al gedurig kruisbeenende. Eene vuurtang kruisbeent, waneer zij, aan de nijdspil versleten zijnde, niet vast en juist meer en grijpt, en dat hare stangen kruislings overslaan,

KRUISBEK. m. Soort van groote vink met grauwe pluimagie, en met eenen snavel wiens bovendeel nevens ’t onderdeel overslaat op wijze van een kruis, fr. bec-croísé. De kruisbekken zingen niet, en daarom heeten zij ook strontvogels.

KRUISEGGEN (wvl. KRUUSEGEN of KRUUSEEGDEN, zie UI en EGEN), kruísegde gekruisegd, 0. W. Het land eggen eerst in zijne lengte, en daarna noesch of dwars. Eenen akker kruiseggen. Een gekruisegde stuk land bezaaien.

KRUISGEBED, 0. Een gebed dat men leest met de armen uitgestrekt naar ’t voorbeeld van den gekruisten Zaligmaker. Een kruisgebed van vijf Onze Vaders lezen. Hij deed een kruisgebed van tien Onze Vaders.

“ Des avonts naer het cruysghebedt. ” (B. Gheysen.)
Het kruisgebed wordt ook eene Vaam geheeten.

KRUISHOOFD, 0. Bij wagenm. en landb. Stuk hout van drie 8. vier voet lang, dat tusschen de armeelen van eenen wagen met den oenebout vastligt, en waar ’t harnas aan gevestigd wordt bij middel van ’t marteel. Het kruishout vervangt de ‘plaats van den langen dijsel, en wordt daarom
ook de korte d?sel geheeten.

KRUISKASIJNE, v. KRUISKASIJN,O. Hetzelfde als hol]. Vensters met kruiskasijnen. “ Betaelt over xij steenen cruys cassynen, binnen St. Omaers gecocht.” (Rekenynghe van Veurne-Ambacht, van 1596.)

KRUISPLAAT‚ -PLATE. v. Bij mulders. De kruisplaten van eene staakwindmolen zijn zware balken die kruiswijsde op de steenen teerlingen liggen en de molenstake ondersteunen.

KRUISPOONT, 0. Bij schoemakers. Halve achterlap in de pollevij van eenen schoe.

KRUISS’I‘RAAT (wvl. KRUUSSTRATE), v., fig. De kwellingen des levens, ook Kruisweg genaamd. Hij is ook in de kruisstraat. De kruisstraat is de koninglijke weg naar den hemel.
Daer is meer eenen wech die naer den hemel leyt,
Gy moet de cruys-straet in met doornen overspreyt.
(A. Poirters.)

KRUISVERBAND, 0., zonder mv. Bij metsers.

Uit het Westvlaamsch Idioticon van Priester de Bo (1873)

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>