De paters van Ieper

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in  , ,      2 years ago     936 Views     Leave your thoughts  

Mijn dochter Ivonne is ziek gekomen toen ze zes maanden oud was. Het was bij ons thuis grenswinkel en er kwamen veel mensen o.a. kwam er een oude vrouw, die in de zeventig was en die zei : ‘Maria, ‘t is al zo lang dat dat kind ziek is en altijd maar naar de dokter. Had die pastoor Aemout van Bailleul nog geleefd, ik zou hier meester maken. Er is iets dat niet juist is. Weet je wat je moet doen? Je moet dat niet uitstellen. Ga naar de paters naar leper, het is maar dat middel.’

De dokter van Belle, die altijd kwam, had ook al gezegd: ‘Je ne sais pas quoi. Je n’ ai vu jamais.’ En van ‘s anderendaags ging ik met mijn vader en moeder met de ·toevoiture met een paard naar leper. Onderweg passeerde die zwarte Sidonie voor de voiture, Juist voor het paard, en ze keek in de voiture naar mij. Toen we in leper aankwamen, gingen we naar pater Joachim en hij vroeg of we wel gekomen waren met geloof.

We zegden van ja en we deden alles uiteen. ‘Als het wel met geloof is, we zullen dat kindje beteren.’ Ik noest een keer te biechten en te communie gaan binst de negen dagen, gewijd water in zijn suikerwater doen en binst dat het kind dronk, moest ik een kort gebed lezen en iedere dag moest ik ook nog de litanie van de H. Albertus lezen. Toen ik de tweede keer ging, ging mijn zus mee en ik moest dan op het einde van de maand weerkeren. Het kind was al merkelijk beter.

Ondertussen was dat vrouwmens al verhuisd. Ze was naar Loker gaan wonen. De derde keer ben ik dan weergegaan met de moeder van het meisje dat bij ons werkte. Het was daar hofstede. Dat meisje had gevraagd of haar moeder mocht meerijden met de toevoiture, want er haperde daar ook iets : als ze karnden, kregen ze geen boter. En de zoon van die toveres, Kamiel, draaide achter dat dochtertje dat bij ons thuis kwam om te werken, maar zij wilde daar niet van weten. En hij had gezegd toen ze een keer aan het karnen waren : ‘Karn maar, ge zult toch geen boter hebben.’

En het was zo. Zo die boerin ging mee met mij naar leper. Voor we aan Loker kwamen, tussen Bailleul en Loker, zat ze aan de dijkkant. En het kind zat al recht en het deed al teken met zijn vinger naar de beesten die het zag. Ze keek zo door het venster van de voiture en ik was zo verschrikt. En de vrouw, die mee was, zei : ‘Marie, kijk voor je, want je zou moeten gestoken zijn, je hebt geen druppel bloed.’

En ik zei : ‘Hoe zit dat daar nu weer en ze woont in Loker?’ Ze was lijk tegengekomen. Bij de paters kreeg die boerin ook gewijd water om te geven in het drinken van de koeien en medailles van de H. Albertus om aan de deuren te doen. Mijn kindje zat al recht – het was dan een goed jaar oud – en de pater zei dat ik gerust naar huis mocht gaan, dat alles zou uitslijten en dat mijn kindje zou komen gelijk een ander. En dat wijf heeft ook gekarnd en twee dagen later had ze boter.

En korte tijd nadien is zij – dat heb ik vernomen – vertrokken naar leper en ze is daar in het hospitaal gestorven in de gruwelijkste pijnen. Ik heb dat dan gezegd tegen de dokter en hij zei dat ik gelijk gehad had van dat te doen en dat hij nooit gepeinsd had dat het er door zou komen. (Reden van die betovering : die toveres was kwaad omwille van een rekening in de winkel van Marie die ze niet wilde betalen. Woordenwisseling en wraak. Die toveres deed soms de kinderen iets voor haar halen en dat moest Marie dan optekenen. Toen ze nu een keer weer een maandelijkse rekening moest betalen, betwistte zij dat bedrag door te zeggen dat zij die zaken niet gehaald had. Zo was er woordenwisseling ontstaan.

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>