Het eeuwige zielenheil

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in       6 months ago     182 Views     Leave your thoughts  

Vlaanderen is veranderd. Na een eeuw vol chaos en het ontbreken van een centraal gezag die naam waardig hebben de lokale heren niet geaarzeld om zichzelf heerlijke rechten toe te kennen. De ene spreekt recht, de andere heft belastingen op de ingezetenen van zijn domein en nog anderen verplichten hun onderdanen om voor hen ten strijde te trekken. Elk gedraagt zich alsof hij de graaf van zijn rijk is. Zo gaat het natuurlijk ook met de heer van Rolleghem. En waar blijft ondertussen het grafelijk gezag van Boudewijn IV die maar al te graag de zeggenschap zou willen veroveren over een homogeen rijk? Maar hoe kan hij daarin slagen? De oplossing komt aangewaaid vanuit het buitenland. Een aantal hooggeplaatste edelen en de clerus willen dat er meer rechten moeten komen voor de burgers en willen dat vrouwen en kinderen niet langer willoze slachtoffers kunnen worden van moord en oorlog. Het principe van de ‘godsvrede’.

Maar welke sancties kunnen er worden toegepast als die godsvrede niet wordt nageleefd? De bevolking is nu wel systematisch gebrainwasht rond het christusgeloof. Ook in de bossen van Zonnebeke. Maar de geestelijke straffen blijken toch nog onvoldoende om orde en reglement te stabiliseren onder de mensen. Een wereldlijke controle op het naleven van de godsvrede blijkt een gat in de markt voor graaf Boudewijn. Een geschenk uit de hemel.

Door het uitvaardigen van de godsvrede in Vlaanderen in het jaar 1030 kan de graaf zijn machtspositie over Vlaanderen herstellen. De vazallen of inwoners die de godsvrede overtreden, maken zich nu meteen ook schuldig aan opstand tegen de graaf. De macht van de lokale adel kan eindelijk aan banden gelegd worden. Ook de vele monniken in de abdijen moeten zich schikken naar nieuwe regels van eenvoud en gebed. Er kan geen sprake meer zijn van sodomie en losbandig leven. De hogere kerkelijke overheid legt discipline op.

Ook hier wordt het gezag van de graaf hersteld. De clerus en de graaf beseffen dat een hechte samenwerking tussen beiden een perfect alibi biedt om samen de lakens uit te delen in Vlaanderen. Om orde te scheppen doet Boudewijn V in 1063 beroep op bisschop Drogo van Terwaan. Samen kondigen zij de Pax Flandrica af.

Het wordt nu verboden om nog oorlog te voeren of vetes uit te vechten vanaf de woensdagavond tot de maandagmorgen. De komst van een abdij in Zonnebeke is het rechtstreeks gevolg van die nieuwe godsvredepolitiek van de graven. Zonnebeke is geen alleenstaand geval: In 1041 wordt het kapittel van Harelbeke gesticht door het gravenpaar en vooral onder druk van gravin Adela die eveneens de abdij van Mesen sticht waar ze na de dood van haar man zal verblijven en er zal sterven. In 1050 wordt Sint-Pieters van Lo opgericht door ene priester Thomas.

De OLV-abdij van Voormezele wordt gesticht door een zekere Isaac van Voormezele. Rijke grootgrondbezitters zijn zo slim om te beseffen dat een hechte samenwerking met graaf en bisschop hen geen windeieren legt. En dan die belofte van het eeuwig leven? Het afstaan van gronden en tienden aan nieuw op te richten abdijen wordt schering en inslag in Vlaanderen. Eén van de grootgrondbezitters die al eeuwen de macht hebben in de streek is de familie van Rolleghem (Rolinghem, Rolenchem). Anno 2012 kennen we Rollegem-Kapelle. Dit is de plek in Ledegem waar die familie trouwens een hele tijd later na die eerste abdij in Zonnebeke (1213) een kapel laat oprichten.

De van Rolleghems hebben zowat overal gronden en lenen. Zonnebeke bevindt zich in het hart van hun territorium. Ze bezitten zowat overal macht en invloed. In Ieper bezitten ze het hele noordelijke buitengebied van Ieper. Het ‘Rollegemse’ is een belangrijk leen dat grenst tot aan de oude stadsgrachten van de stad. De plek waar zich anno 2012 de Surmontstraat, de Henri Cartonstraat en de Diksmuidestraat bevinden, is in die tijd eigendom van de familie van Rolleghem. Wie in en uit de stad moet, wordt verplicht om tolgelden te betalen aan ‘Sint-Princens Rolleghem’. ‘Up de Hanguarchgracht, ol so men gaet ten Rolleweghe’.

In Passendale, Beselare en Ledegem hebben ze belangrijke leengoederen. In Zonnebeke bezitten ze de beste landbouwgronden. Sint-Jan, de bossen van Zonnebeke tot aan de voet van Ieper zijn hun eigendom. Gebieden in Ledegem, Reningelst, de Klytte. Gronden ter hoogte van Ardres bij St.-Omer. Hun bloedband met de steenrijke familie Halewin zal trouwens de naam geven aan Halluin bij Menen. Het Rolleghemse, in het noorden, vóór de Diksmuidepoort gelegen, bestaat uit het ‘Princen-Rolleghem’, dat ten oosten van den Diksmuideweg aan de Goudinegracht ligt en het eigenlijke Rolleghemse, ten westen van de zelfde weg aan de Sceuvelgracht.

Door het aanleggen van de versterking van 1214 zullen Princen-Rolleghem en het Rolleghemse deels door de stad ingelijfd worden. Het stadsgedeelte van dit laatste leen heet sindsdien Stede-Rolleghem en beslaat ruim 4 hectare terwijl het overige stuk grond met een oppervlakte van 7,92 hectare ‘St Jans-Rolleghem’ genoemd wordt, omdat het tot St. Jans parochie behoort.

Het heerschip van Rolleghem is trouwens op dit moment baas over het machtig geworden Ieper. Diederik (Theobald) van Ieper is benoemd als baljuw voor het leven. Hij is getrouwd met Ramburga. In 1070 wordt hij uit de weg geruimd op bevel van gravin Richilde van Henegouwen. Alles heeft te maken met de machtsoverdracht aan de nieuwe graaf Robrecht de Fries. Zijn weduwe Ramburga hertrouwt met (de Brugse) ridder Fulpold de Loppinis. Het kerkelijk landschap bevindt zich in die jaren in een diepe crisis.

De misbruiken die zich vanaf de 9de eeuw op zowat alle niveaus van de kerk van het bisdom van Terwaan voordoen, zijn talrijk. Een echte plaag is het. De paus wil paal en perk stellen aan die misbruiken en beveelt aan de bisschop van Terwaan om de boel te herstructureren. De invloed van de leken in de kapittels, parochies en kloosters wordt grondig teruggeschroefd. Een team van geestelijken onder leiding van Lambertus, de abt van Sint-Bertijns, zal zich de komende decennia concentreren op de stichting van nieuwe of de regularisatie van bestaande kapittels.

De nieuwe stichtingsbeweging krijgt volop de steun van de graaf en zijn voornaamste vazallen. De herstructurering laat zich asap gevoelen met de stichting van het Ieperse kapittel. De familie van Rolleghem springt op de kar van Terwaan. Is een kapittel in hun eigen streek – midden in de bossen van Zonnebeke – niet ideaal om structuur en controle te brengen in hun eigen heerlijkheden en domeinen?

Is een eigen kapittel niet de gedroomde plaats om hun kinderen te laten genieten van een gepast inkomen? De opbrengsten (prebenden) verbonden aan een kanunnikplaats zijn uitermate attractief. En dat ze daarbovenop nog een officieel karakter hebben dank zij kerk en staat is al helemaal meegenomen! En de verzekering van het eeuwige zielenheil is natuurlijk een toemaatje van belang.

Eerst en vooral is er een officiële structuur nodig. Een kapittel. Er wordt in 1072 een deal gesloten met bisschop Drogo van Terwaan. De afspraak wordt schriftelijk bevestigd in een oorkonde gericht aan Fulpold de Loppinis, burggraaf van Ieper. Voor het eerst wordt er effectief neergeschreven dat de parochie Sinnebecche met zijn eigen kerk en priester het recht krijgt om een kapittel op te richten. We spreken over het jaar 1072.

In dat zelfde jaar is er volgens de kronieken sprake van aardbevingen, stormwinden, overstromingen en een grote sterfte onder de vissen. Ramburga heeft uit haar huwelijk met de vermoorde Theobald twee zonen: Theobald en Fromold. De opvolging van het geslacht van Rolleghem verloopt verder via Theobald die vijf zonen nalaat: Fromold, Wulfric, Adam van Passendale, Lambert en Theobald. Het kan geen toeval zijn dat de zonen en kleinzonen de grootste weldoeners zijn om binnen de grenzen van hun kapittel een klooster te stichten. Ze kunnen er alleen maar bij winnen.

De nieuw op te richten abdij zal gefinancierd worden dank zij de tienden van de heerlijkheden Beselare en Zonnebeke die overgedragen worden aan het nieuwe kapittel. De proost wordt een machtige grootgrondbezitter met veel pachtboerderijen, uitgestrekte bossen en een massa landerijen in eigendom. Het nieuwe klooster zelf wordt geïnstalleerd in de onmiddellijke omgeving van de voornaamste heerlijkheid, het huis van de heer van Rolleghem.

Er worden 24 gemeten grond (meer dan 10 hectare) vrijgemaakt in het oostelijke uiteinde van het Rumetra woud, vlak bij de open plek, en niet zo ver van het bestaande privékerkje van de Rolleghems van Zonnebeke dat nu de titel krijgt van officiële kapittelkerk. Drie kanunniken onder leiding van de proost betrekken het nieuwe klooster. De proost is trouwens niemand minder dan Fromold van Rolleghem, de broer van de kasteelheer. Er kan nu dag en nacht gebeden worden voor de zielzaligheid van de eigen gegoede familie.

Dit is een fragment uit deel 1 van ‘De Kronieken van de Westhoek’

 

 

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>