Het kasteel aan de Kortemeers

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in       3 months ago     125 Views     Leave your thoughts  

…wat voorafging …..

 

Carolus de Goede was zeer barmhartig tot de arme mensen zodat hij zijn eigen klederen, geld, lijfkost en zijn prinselijke schatten dagelijks deed uitdelen. De familie, die van Vanderstraeten waren in die tijden grote ‘koorebijters’ en omdat de graaf Carolus zo barmhartig was en die familie zo gierig, gebood hij aan de familie dat zij voor een redelijke prijs hun vergaard koren zouden verkopen. Zo heeft die familie Vanderstraeten deze graaf dood gezworen en ten laatste ongenadiglijk vermoord om alsdan van de goede graaf geen berisping meer te moeten ondergaan. Deze moordenaars, dan genaamd ‘de Vanderstraeten’, zijn in publieke steden als tot Brugge, Ieper, Cassel en in andere plaatsen ellendiglijk door de publieke gerechtigheid gestraft, gepijnigd en geradbraakt geweest, waarvan menige historieboeken vol van zijn. Hij was daarenboven uitnemende godvruchtig, stichtende ook veel prebenden als d’halve kanunnik die in de kerke van de heilige Bonfacius die nu in onze kerk binnen Brugge ligt. Hij was voorts in al zijn werken zeer zachtmoedig, vergiffenis biedende aan die zulks begeerden.

Hij was met vrouw Adelie zeer jong gevlucht bij de oude Robrecht de Vriese zijn grootvader, weg uit Denemarken nog wezende een klein kind, als Canut de koning van Denemarken zijn vader welke om zijn rechtvaardigheid als een martelaar vermoord was, alswaar hij van zijn jonkheid af in alle deugden opgevoed werd. En zijn jonge jaren aldus doorgebracht hebbende, aanvaardde hij de wapens tegen de vijanden van hetr christelijk geloof, trekkende naar het heilig land om aldaar het eerste proefstuk van zijn wapenen te doen blijken. Van daar wederom gekeerd zijnde, ging hij wonen bij de jonge Robrecht de Vriese, zijn oom.

Anno 1125 was het een uitnemende felle winter, zodat de mensen en beesten stierven van de koude en al de wateren toevroren en waardoor er een uitnemende hongersnood ontstond. Maar Carolus de Goede, graaf van Vlaanderen, gaf een gebod dat men om het gebrek van graan geen bier meer brouwen en zoude. Hij deed alle honden in Vlaanderen doodslaan en hij was zo barmhartig dat hij op een dag binnen Ieper zijnde, deed uitdelen aan de armen 7800 broden.

Anno 1126 vermeerderde het boven gezeid duur leven en de grote hongersnood, door de familie Vanderstraeten, die al het uitlandse koren, die alhier binnen Ieper kwam om het volk te spijzen, opkocht en opsloot. Op de 27ste februari arriveerde binnen Ieper Carolus de Goede en hij deed alhier oproepen geheel de edeldom van het land om de bloeddorstige moedwillige korenbijters of opkopers van de familie Vanderstraeten met geweld te weerstaan.

Anno 1127 volgens de beschrijving van Antonius Sanderus had de stad van Ieper een ronde gedaante, versierd met drie torens. Op de 22ste januari waren binnen Ieper in Sint-Maartens klooster op Sint-Vincentdag vergaderd de voornaamste aandrijvers over de moord van Carolus de Goede, te weten de proost Lambrecht Vanderstraeten met zijn zoon Bossaert, Isaac, hun neef Guido van Steenvoorde, Guillaume Robert, Wintry Werrijn en sommige andere brooddronken gezellen van hun geslacht die onder malkander beraamden om de graaf Carolus naar hun opzet en gelegenheid te vermoorden.

Anno 1127 op den ……. arriveerde binnen Ieper Carolus de Goede met al zijn getrouwe raadsheren. En hij heeft alhier het kasteel in de Kortemeers van Bossaert Vanderstraeten tot assen doen verbranden, hetwelk gedaan zijnde is hij vertrokken naar Brugge. Carolus de Goede heeft Vlaanderen geregeerd elf jaren.

Anno 1127 op de 2de maart werd binnen Brugge vermoord Carolus de Goede, door de familie Vanderstraeten, op de hoogplaats van de Sint-Donaaskerk, terwijl hij daar naar gewoonte ‘s morgens godvruchtiglijk biddende was en een aalmoes aan een arm vrouwke uitdeelde. Hij ligt begraven nadat hij uit de Sint-Christopherskerk ontvoerd was, achter het hoge altaar van de Sint-Donaaskerk tot Brugge. Voorts terwijl dit heilig vermoord lichaam op de aarde lag, zo geschiedden daar veel mirakels. En zo veel mensen heimelijk bevinden; daar geschiedde dagelijks voor zijn graf, kostelijk in de aanschijn van de heer zoals David zegt over de dood van de heiligen.

Hierom viert men alle jare op de tweede dag van Maart de gedachtenis van Carolus de Goede, graaf van Vlaanderen, in de voorzeide kerk van Sint-Donaas, alwaar men de overige gebeenten in het openbaar vertoond worden in de bisschopskapel, toegeëigend aan de heilige Carolus Borremeüs, eertijds aartsbisschop van Milaan. Daarbij wordt verkondigd een kort begrip van de schromelijke moord, te samen vertonende een afbeelding van zijn grote langheid en de andere gesteltenis van zijn lichaam met een zeker gereedschap afgetekend, waardoor het sermoen van de hoogmis….Voorts op de drie eerste vrijdagen van maart ‘s avonds ter loftijd wordt op de Burg van Brugge tot eeuwige gedachtenis van de prinselijke dienaars met zeven koehoorns uitgetrommeld en vervloekt de moord door de familie Vanderstraeten op deze godvruchtige Carolus de Goede.

En dit is geschied op zo een wonderlijke manier dat het gemeen zelfs hoopvol rondloopt om deze vervloeking te kunnen horen, niettegenstaande dat deze historie genoeg aldaar bekend is, maar dit geschiedt uit een bijzondere liefde van het gemeen door de vele mirakels die verwekt werden, nog elke dag, dagelijks voor zijn graf betoond en daardoor de vele bovennatuurlijke gunsten aldaar bekomt zodat deze gedenkenis nooit en zal ondergaan.

Voor deze moord van Carolus de Goede werden binnen Ieper plichtig gevonden tien kanunniken van het Sint-Maartensklooster. Zij werden te water en te brood gesteld in de eeuwige gevangenis. En de gouverneur van Ieper, de heer Joannes van Haveskerke ging met veel volk naar Brugge om de Burg te belegeren waar die van Vanderstraeten op gevlucht waren.

Aanmerking. Alhoewel dat Willem van Lo, burggraaf van Ieper, Vlaanderen omtrent negen weken geregeerd heeft, nochtans en is hij nooit graaf van Vlaanderen geweest noch daarover aan enige koning van Frankrijk manschap gedaan. Het is wel waar dat hij van dezelfde stam was en aan Carolus de Goede gebroken rechtsweer was en diesvolgens erfgenaam van het graafschap van Vlaanderen, meer dan Willem van Normandië dewelke daar het minste recht op en konde voorwenden. Deze Willem van Normandië is nochtans van Lodewijk de Dikke, koning van Frankrijk in het graafschap van Vlaanderen, tegen alle rechten in, opgedrongen geweest. Maar zijn regering was zeer kort.

Anno 1127. Wilem van Lo burggraaf van Ieper; dan is hij als regent in Vlaanderen aanvaard geweest en van mijnheer Servaas van Praet ontboden van Ieper naar Brugge om over Lambrecht Vanderstraeten en zijn medebloedige moordenaars scherprechtigheid te doen uitwerken. Zo is een van deze schelmstukken door de regent Willem van Lo binnen Ieper gevangen gebracht. Dat was de proost van de Sint-Donaaskerk te Brugge en de kanselier van Vlaanderen, als één van de allerplichtigste in de moord van Carolus de Goede. Hij toonde onderweg groot berouw over zijn misdaad, gaande blootsvoets, tot Ieper komende en kon bijna niet meer op zijn voeten staan, want ze waren stijf van de kou en zijn tenen waren afgevroren. Het gemeen van Ieper liep hem tegemoet buiten de stad. Ze sleurden hem met koorden gebonden aan de rechter- en linkerzijde, achter en voor. Ze dansten en deden veel grillen van blijdschap omdat het hoofd van de verraders gevangen was. Ze sloegen hem met stokken en vuisten, ze gooiden met stenen en slijk en overvielen hem met veel smaad, wat hij allemaal met veel geduld verdroeg, tot aan de dood toe. Hij zong voortdurend enige psalmen; de Tedeum Laudamus en de getijden van Onze-Lieve-Vrouw.

Hij had gebiecht te Waasten in het kasteel aldaar. De heer Willem van Lo, burggraaf van Ieper deed Bertulf Vanderstraeten de proost van Sint-Donaas aan de galg ophangen, met een touw onder de armen en de hals vastgemaakt. Hij werd alzo door het gemeen dood gesmeten. Guy van Steenvoorde werd diezelfde dag neffens hem opgehangen. Ze bleven daar vier dagen lang hangen tot dat hun lichamen begonnen te stinken. Dan werden ze in koehuiden genaaid en een mijl buiten de stad, op het Hooghe, zo men naar Menen gaat, op een rad gelegd, in het bos, opdat ze langer zouden dienen tot exempel en omdat hij een geestelijke proost was is hij schandelijk aan een galg gestorven.

En de eeuwige kanselier van Vlaanderen heeft van Willem van Lo nochtans de heilige aarde gekregen, en deze moordenaar ligt alhier binnen Ieper in de Sint-Maartenskerk begraven. Het is het waard om aan te merken dat een moordenaar van de graaf van Vlaanderen de heilige aarde verkregen heeft, voorts zijn al de andere moordenaars ook om hun misdaden gestraft geweest.

Willem I. Willem I van Normandië, gezeid Clito, heeft Vlaanderen begonst te regeren in het jaar 1127…voorts deze ingedrongen graaf van Vlaanderen, heeft hij over sommige van zijn heerschappijen manschap gedaan aan de keizer van Rome en over sommige heeft hij manschap gedaan aan Lodewijk I gezeid de Dikke, 40ste koning van Frankrijk en de zwager van Willem.

Anno 1128 op de 29ste mei heeft Willem van Normandië de 18de graaf van Vlaanderen met een Frans leger de stad Ieper belegerd dewelke door Willem van Lo met dubbele wallen werd versterkt en bewaard. Doch zo lang de burgers eendrachtig waren, deed de vijand kleine voortgang. Maar er is een twist opgestaan onder de burgers. Terwijl de heer van Lo aan de ene zijde van de stad zich deftig te weer stelde tegen de vijand, werd met verraad de Mesenpoort geopend langs waar de vijand met geweld binnendrong waardoor de stad van Ieper alsdan geworden is een deel van de uiterste ellende.

Want de stad veroverd zijnde werd helemaal geplunderd en in brand gestoken van het zuiden tot aan het noorden. De burgers werden gedwongen al hun wapentuig op de markt aan de vijand over te geven. De weerspannigen werden gedood. Tijdens deze plundering hebben de Franse soldaten niets anders gedaan als de jonge dochters schofferen en de getrouwde vrouwen van de gelijke. En als de mannen zich daar tegen stelden, werden ze doodgesmeten. Dat is de reden waarom de Ieperlingen zich samen met die van Brugge en Gent hun krachten bundelden om Diederik graaf van de Elzas te helpen, welke hen trouwens ter hulp kwam.

Anno 1128 op de 8ste augustus is Willem van Normandië wederom met veel volk naar Ieper gekomen om dezelve te belegeren. Maar de Ieperlingen versterkten zich bij Voormezele waar dat ze victorieuzelijk tegen hun graaf hebben gevochten. Deze Willem van Normandië was in het begin van zijn graafschap een zedig man die meende dat hij het daardoor beter zelf zou bezitten, maar ziende dat hij de harten van zijn onderdanen niet winnen en kon, heeft hij zich als een tiran in zijn regering gedragen, hetgeen ook zijn verdere verderfenis heeft veroorzaakt.

Om die reden heeft de edeldom met sommige steden van Vlaanderen in zijn plaats verkozen Diederik van de Elzas, zoon van Theodoor de hertog van Lotharingen en van vrouw Gertrude dewelke dochter was van de oude Robrecht de Vriese en aan dewelke Diederik het graafschap van Vlaanderen met vrecht toekwam en hij werd alsdan de 19de graaf van Vlaanderen, alsdan zijnde rechtsweer van Carolus de Goede.

Willem van Normandië, dit vernomen hebbende, heeft Diederik van de Elzas met de wapens uit het graafschap van Vlaanderen willen stoten. Komende in het beleg van Aalst heeft hij de nederlaag gekregen nadat hij het land van Vlaanderen en zijn inwoners meer getiranniseerd als geregeerd had. Want hij stelde vele pointingen en settingen voor alles, voor geld, verkopende tot zelfs de ambten toe. Deze Willem van Normandië heeft Vlaanderen tegen alle recht in geregeerd omtrent 15 maanden. Hij is in het beleg van Aalst doodgeschoten in het jaar van onze Heer 1128 en hij ligt begraven in de voorkerk van Sint-Bertin tot Sint-Omaars, bij Boudewijn gezeid graaf Apken.

Diederik. Diederik van de Elzas heeft Vlaanderen begonst te regeren in het jaar 1128..Voorts heeft hij over sommige van zijn heerschappijen manschap gedaan aan de keizer van Rome en over sommige heeft hij manschap gedaan aan Lodewijk I gezeid de Dikke, de 40ste koning van Frankrijk. Hij heeft in huwelijk gehad vrouw Sybille van Anjou en de dochter van Fulko, koning van Jeruzalem, waarbij hij verwekt en gewonnen heeft veel kinderen, te weten vier zonen, Boudewijn die jong stierf, Philippus I (Filips I) van de Elzas daarna de 20ste graaf van Vlaanderen, Matheüs de graaf van Boulogne en Pieter eerst kannunik en daarna bisschop van Kamerijk welk bisdom hij na enige tijd verlaten heeft. Voorts twee dochters, te weten vrouw Margriete getrouwd met Boudewijn IX graaf van Henegouwen de zoon van Willem, de graaf van Henegouwen, daarna wezende de 21ste graaf van Vlaanderen, en Gertrude, nonneke in het klooster van Mesen.

….

wordt vervolgd …..

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>