Kermis voor den groten oorlog

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in  ,      1 year ago     515 Views     Leave your thoughts  

Met dank voor het gebruik van de Poperingenaars in het SAP – Het stadsarchief Poperinge Nu de kermis weer in aantocht is, zijn we eens gaan kijken in de oude ‘Poperingenaar’ hoe men hier de kermis zo’n 100 jaar geleden vierde.

1908
In de krant van de 5de juli 1908 vinden we een groot danstfeest, jawel, zo geschreven, met groot orkest dat zal plaats vinden ‘In den Gouden Appel’ bij Henri Comeyne, en dat op de zondag, de 5de, de dinsdag de 7de, de zaterdag de 11de en zondag de 12de juli. En op Pameltje maandag om 3 uur in de namiddag zal de ‘groote jaarlijskche baanbolling’ door gaan bij de Leene, ’t Rood Kruis. Deze bolling werd ingericht door de landbouwers boldersgilde en belooft 100 frank prijzen.

In de krant die daarop volgde, vonden we het officiële programma:
Het kermisprogramma voor dit jaar zag er ongeveer zo uit: Op de zaterdag, de 4de juli was er de opening der gemeentekermis en der negendaagsche plechtigheid ter eere van O.L.Vrouw van St. Jan. Op zondag 5 juli moest men vroeg uit zijn bed, wilde men alle activiteiten meemaken. Om 6 uur ’s morgens begon immers al ‘de prijskamp der Blinde Vinken’ gegeven door de maatschappij die gevestigd was ‘In den Wijngaard’. Die prijskamp der ‘blinde vinken’ zal wel een vinkenzetting geweest zijn.  De processie ging uit om 10 uur ’s morgens!  Om 2 uur in de namiddag was er ‘gaaibolling’ in de herberg ‘L’épée Royale’.

Op maandag 6 juli om 6 uur ’s avonds, werd er een ‘groot concert’ gegeven door het stadmuziek en de koorzangmaatschappij en dit in het park van het college. Op woensdag de 8ste juli was er om 4 uur schieting voor het korps der sapeurs-pompiers. De dag daarna was er in de Priester-, Garen- en Vlamingstraat, om 4 uur, vuurvogelschieting. En op zang 12 juli in de Duinkerkestraat om 2 uur was er de ‘groote baanbolling met 600 frank prijzen.

En we vinden nog een aantal aankondigingen voor herbergkermissen:
In het Speelhof bij Achille D’Amour, op de Proven kalsiede, was er Groot bal met orkest. In Café de la Paix, bij Jerome Dehondt op de Grote Markt, werd er ‘binst de gehele kermisweek een ‘schoon concert’ gegeven door een ‘troep goede zangers’.

Op kermismaandag was er in de herbergen van alles te doen.
’s Morgens om 10 uur al kon men een ‘schoon konijn’ dat gegeven was door Henri Scherpereel, van 10 pond zwaar gaan bollen ‘In de Koeimarkt’, bij Arthur Blanckaert in de Boeschepestraat.
Op hetzelfde uur kon men ‘In ’t hof van Brussel’ bij Timperville in de Meessenstraat ook een konijn gaan bollen, gegeven door Camille Milleville.

En dat kon ook in de herbergen ‘In ’t Roosje’ bij Gustave Gossey in de Crombekestrat. Om 10 uur in ‘Nazareth’ bij Emile Dewachter in het Trommelaarstraatje. ‘In den Wijngaard’ bij Emile Camerlynck in de Casselstraat. ‘In ’t Hoekje’ bij Guystave Liefooghe in de Casselstrat. ‘In de oude viloette’ bij Camille Dumelie in de Boeschepestraat, ‘In den Acxhterwegel’ bij René Lefever in het Trommelaarstgraatje, ‘In de violette’ bij Gustave Dehaene op de Keer van de Ommegang en ‘In de Driemeerschen’ bij Auguste Verschaeve.

Men kon 10 franks winnen ‘In’t Lammetje’ bij Gustave Debruyne in de werfstraat en eveneens ‘In de keer van de ommegang’ bij Henri Lazoore. 5 frank was te winnen ‘In de pretoria bij Gaston Houwen in de Meessenstraat, ‘in ’t fort’ bij Achille Ampen in de Rekhofstraat en in de ‘Cambrinus’ bij Camille Logie in de Meessenstraat.  In Café ‘In den Vlaming’ bij Camille Botthé in de Casselstraat, was een kostuum te winnen.

En daar stopte het niet want in de namiddag ging het door ‘In den werf’ bij Henri Pinseel (10 franks) en ‘In den neerloop’ bij Jules Sergier, ook in de Werfstraat. ‘In den nieuwe lelie’ bij Sissen van ’t Zwynland in de Casselstraat was ‘eene som geld’ te winnen. Om zes uur ’s avonds was er weer een schoon konijn in ‘Den watermolen’ bij Evarist Hoeenaeghel in de Veurnestraat. En ‘In ’t hof van commerce’ bij Maurice Techel op de Abeele – kalsiede.

‘In den Boterpot’, bij Charles Billiau in Werfstraat was een groote nieuwe pypegaele te winnen en ‘In de wagenmakerij’ bij Emile Pareyn op de Abeele kalchiede, was de prijs een kloek henne en 14 kiekens, eerste Engelsche vechthaans, 2 maanden oud. ‘In’t Abeelhof bij Jerome Jaob was er een gewone prijsbolling was er ‘In den hoek van vrede’ bij Henri Bouw op de westoutre kalsiede en een jaarlijksche prijsbolling voor 11 schoone prijzen. En dan hadden we nog ‘In den Brabant’ bij Jerome Quaghebeur, waar er een echte kattenknipping was.

We vonden een uitleg over dit spel in het onderstaande stukje van het internet.
In café Het Visputje in Kruiseke vond naar jaarlijkse gewoonte de kattenknippeling plaats. Het is de bedoeling om met een stok een boterpot waar een kat in zit, kapot te gooien. Voor het eerst was er een aparte categorie voor vrouwen om de 150ste verjaardag van het volksgebeuren te vieren.

‘De kat symboliseert de boze heks’, zegt Raoul Masschelein van het organiserend comité. ,,In het verleden geloofde men dat een heks in een kat kon veranderen. Omdat de bewoners bang waren, staken ze het dier in een stenen kruik om te laten uithongeren. Daarna bonden ze de pot aan een wilgentak, later aan een galg, om die kapot te gooien. Daardoor kon de kat ontsnappen, maar van de schrik verdwijnt ze en met haar alle boze geesten. Degene die de kruik aan diggelen smeet, was meteen de held van de dag.”  ,,Onlangs vonden we bewijzen dat het volksspel al zeker 150 jaar bestaat. In een oud schriftje is er sprake van een honderdste verjaardag in 1956. In het begin werd natuurlijk een levende kat gebruikt, maar in de jaren vijftig werd het arme dier hiervan verlost en vervangen door een pluchen exemplaar.”

‘In ’t wit peerd’ bij Charel Top was er op kermis woensdag, de 8ste juli de jaarlijksche combat bolling. ‘In den Havermuis bij Gustave Bourgeois in de Bellestraat was er een jaarlijksche strijdbolling. En er was nog nieuws voor de liefhebbers van schoon muziek en dans, voor hen zal het gedurende onze kermisdagen aangenaam zijn ‘Au café Français’ bij Cyrille Hosdey in de Yperstraat. Een gansch nieuwen en bijzonder schoonen orgel, gelijk er nooit geen in Poperinghe geweest is, zal daar alle dage spelen tot genoegen van alwie er aan houdt zich wel te vermaken.
En dat die baanbollingen succes hadden, blijkt uit het verslag hierover:

De bolling der kermisweek heeft nog al tal liefhebbers naar stad aangelokt en voorzeker een schoon profijt bijgebracht oor al de herbergiers der Duinkerkstraat. Om 3 ure waren er omtrent 1200 ingeschrevenen. De bolling opgeluisterd door eenige leden van het stadsmuziek, heeft veel bijval genoten. Van tijd tot tijd kwam wel eene duchtige regenvlaag de bolders verfrisschen, maar deze zagen er nooit voor om. Er waren 600 fr. prijzen die door de volgende pelotons gewonnen werden; en dan krijgen we alle namen van de pelotons die een prijs wonnen, van de hoofdprijs 150 fr. tot de 12de prijs 20 frank. Het was al bij al een ‘geruste kermisweek’ zo stelt de Poperingenaar, – De politie heeft tot nu toe niet veel werk of ruzie gehad met te welgezinde kermisgasten. Slechts twee of drie aanhoudingen in geheel de week.

1909
In 1909 krijgen we een gelijkaardig programma. Hier wordt de vinkenzetting echter ‘Prijskamp voor vinkengezang’ genoemd. Op zondag de 11de juli krijgen we ook een ’prijsvlucht voor Duiven’ door de maatschappij ‘De Eendracht’ gevestigd ter herberg ‘West-Vlaanderen’.

En we lezen ook het volgende:
Zooals ieder jaar zal het meeste succes der markt alweer te beurt vallen aan den prachtigen caroussel-salon, style moderne, van M. Overmeer-Lagae. Volgens wij vernemen zal de ingang dezer prachtige installatie gratis zijn, en de prijs per rit 5 cent. Wilt gij u goed vermaken binst de kermisweek, gaat naar de nieuwe danszaal van Cyrille Hosdey, in de Yperstraat; Poperinghe.

1910
In de krant van de zondag de 26ste juni 1910, krijgen we eerst een preek over ons heen: het zomergetijde is daar! Kermissen, feesten en vermakelijkheden door het schoon weder als van zelf uitgelokt zijn daar ook! Vele huismoeders beven reeds voor hunne mans, zonen, knechten, dochters of meiden en o jammer, zij hebben somtijds wel reden! De kermis, of liever kerkmis, is een feest dat de herdenking is der kerkwijding en, daar den oorsprong der feest godsdienstig is, zoude dit feest zijnen godsdienstigen aard moeten bewaren in alles. Helaas! ’t Is niet altijd zoo!

Als de straffenden arm van God over de wereld niet weegt, vergeten de menschen zoo rap hunne zelfsweerdigheid en door den helschen alcohol, onder gelijk welke vorm het wezen moge, opgehitst, ontaarden die feesten te dikwijls in braspartijen, gevechten en moorderijen.

Is den drank dan de oorzaak van alles? In groten deele ja!
Dat duivelsvocht, dat schijnt door de hel uitgevonden te zijn, valt zoodanig in den smaak van ’t diepgevallen menschenkind, dat het schijnt de bovenhand te behalen in den inwendigen strijd die geleverd wordt tusschen ’s menschens edele gevoelens ingegeven door Gods genade en ’s menschens ingeborene driften aangevuurd door den geest van ’t kwaad.

Ik weet het, den strijd die wij voor Gods glorie en ’t welzijn der menigte, die wij allen als broeders en zusters van eenen en denzelfden vader aanzien, ondernomen hebben, is eenen strijd zonder genade op leven en dood en de onverschilligheid van velen en de tegenkanting der belanghebbenden zal ons niet ontbreken en als men ’t lieve druppelglas en ’t lekker pintje aanraakt, dan is alle vriendschap uit met velen doch niet met allen!

Onder de talrijke lezeressen en lezers van den Poperinghenaar zijn er zeer vele die de waarheid willen weten, verstaan en naleven! ’t Is voor dezen dat wij schrijven en wij doen het geerne! Ziehier eene eenvoudige beredenering: Is het niet waar dat vele menschen die in onbedronken toestand eerlijke mensch zijn, van zo haast zij bedronken zijn, twistzoekers, vechters, zelfs moordenaars worden?

Is het rechtstreeksche schuld niet van den drank dat zoovele onherstelbare ongelukken dagelijks gebeuren? Wat valt er daarmede te doen tenzij het drankmisbruik uit al onze macht bekampen! Waarom drinkt men zooveel?

Velen drinken uit smaak en gewoonte. ’t Loopt nog al zoete in en men vindt er smaak in; ’t bedwelmt en men gelooft dat het deugd doet en de krachten versterkt. Deze dwaling is de grootste schuld van het drankmisbruik; wist men en verstond men dat alcohol niet voedt, men zou zoo niet drinken. Een verstandig man moet toch weten als hij eet of drinkt waarom hij het doet!

Men hoort nog al dikwijls zeggen: wie veel drinkt moet niet veel eten, men gelooft dus dat den drank het gewone voedsel vervangt. Dat is eene grove dwaling; de drank hitst het zenuwgestel op doch ’t geeft daaraan geen voedsel, juist gelijk eenen zweepslag op ’t paard in plaats van eten.

De vermenigvuldiging der drankhuizen heeft er zeer veel bijgedragen tot het drankmisbruik, daarom hebben de ware volksleiders onthouderbonden tot stand gebracht, waarvan de leden de verplichting op zich nemen van geenen sterken drank te drinken en een matig gebruik te maken van bier en wijn; zelfs zijn er die zich ’t gansche drankgebruik ontzeggen.

Die bonden hebben ontzaggelijk vele goeds gesticht, door lezingen, tijdschriften en voordrachten doen zij overal den goeden geest doordringen, door regelmatige vergaderingen, die echte verbroederingsfeesten zijn, onderhouden zij de vurigheid onder de leden. Ik geloof niet dat de vrouwen dier leden zich te beklagen hebben over hunne mannen sedert zij deel maken van die bonden.

Ik weet het, vele opwerpingen worden gedaan, mogen wij dan geen glas bier meer drinken en wat plezier maken? Wel ja, zeker, waarom niet! Als gij eene week hard gewerkt en gezweet hebt, moogt gi ju gerust hertelijk verzetten en nooit kwam het in ons gedacht den treffelijken herbergier te benadeligen. Den geest der Heilige kerk, die een geest van vreugde is, heeft het ook zoo verstaan in het instellen der feesten die gegeven werden tot herdenking de kerkwijding. Maakt vreugde, reine vreugde, verbroedert in familie en verzet u eerlijk, zoo eerlijk dat gij gerust weder de kerk moogt binnengaan, de doopvont met genoegen bezien, met de geburen en met iedereen in vrede leven, de noodzakelijken zegen des heeren over ons velden en dorpen en steden doen nederdalen, en van ons schoone vrije Vlaanderen doen getuigen dat daar het eerlijkste, sterkste en godsdienstigste volk der wereld woont! Daarom gewerkt, daarom gestreden met taaien moed en volherding. Daarin helpe ons God!!
L. Kindt-Hauteceur

In en klein artikeltje somt men de ‘vermakelijkheden die naar onze kermis komen’ op:
Carousel salon van M. Overmeer-Magae; 2. Cinematographe Geissler; 3. Vlodrome Lebon; 4. Velodrome Claus; 5. Velodrome Accou; 6. Photographe De Coninck; 7. Friture Vandevelde; 8. Friture Hollandaise Demaere; 9. Tir Decraene; 10. Musée Moderne Herman; 11. Panopticum Levis; 12; Marionnettes Flips; 13. Bijoutterie Michel en verders gewone kleinere vermakelijkheden speelgoed- en suikerkramen, enz.

Wat er dit jaar blijkbaar nieuw was, was het volgende:
Om 5 ure ’s namiddags – op de 3de juli – op het terrein van den Football club (Kouter) MATCH tusschen den Poperingsche Football Club en een Militair elftal van Yper. En op vrijdag de 8ste juli: in de St. Michielstraat en op den Werf om 4 ure ’s namiddags: hondenloop, 75 frs. prijzen. De inschrijving heeft plaats in ‘Den Boterpot’ van 3 tot 4 ure. Inleg 10 centiemen per hond.

In het ‘Stadsnieuws’ valt er weinig te rapen of het zou het volgende moeten zijn:
Dronkaard – De agent Pooters bevond zich donderdag avond in eene herberg der Veurnestraat waar gedanst werd. Zekere S…, die wat bedronken was, stoorde de dansers en daar de agent dit wilde beletten viel S…, hem aan. De agent werd gekwetst aan het oog en kreeg een voetstamp op den kin, maar toch hield hij den kerel in bedwang tot hulp toekwam en S…, opgesloten werd.

1911
In 1911 zijn er weinig ‘nieuwigheden’, of het zou moeten zijn dat er ‘In de Pauw’ voor de gelegenheid een ‘schoone geit’ te verbollen viel, maar er was wel een jubileum:

1912
Het jaar daarop was er op de 6de juli opening van der gemeentekermis en der negendaagsche plechtigheid van O.L. Vrouw van St. Jan met om 7 uur ’s avonds: geluid der klokken en gebulder van ’t kanon. Op woensdag 10 juli vinden we een nieuwigheid. Om 4 uur in de namiddag was er in de Pottestraat een prijskamp voor accordeons met 75 frank prijzen. Op donderdag 11 juli, de Vlaamse hoogdag, was er om 8 uur ’s avonds ‘verlichting van ’t park Willem Tell met vuurwerk.

In dit jaar stonden op het ‘fooreplein’ de volgende instellingen:
Carrousel Salon van M. Overmeer-Lagae
Het International stkating rink of de schaatsenrollers
Theater Bianca of de wonderbare juffer met de twee hoofden
Salon historique
Cinema Cremer
’t Vliegende kind
Photographie Deceuninck
Bijouterie Michel
Carrousel Clauw
Carroussel Lebon
Tir Flobert der W° Decraene en verders tal van suiker-, speelgoed- en andere kramen.

Het theater ‘Genoveva van Brabant’ en het Vlaamsch theater Stips, die hunne toetreding ingezonden hebben, lieten in de laatste dagen weten dat zij belet waren te komen.
’t Is spijtig. Veel toneelliefhebbers waren er reeds op gevierd, en voorzeker ging het Vlaamsch toneel hier geheel goede zaken doen. We krijgen dit een uitgebreid verslag van de kermis in de ‘Poperinghenaar’

Zaterdag, Donkeren ommegang
Was het stikkend warm, de warmtemeter stond op dezelfde hoogte als in de warmste dagen van verleden jaar. Men mocht er zich aan verwachten, dat het weder zoo niet ging blijven duren, en inderdaad, rond 2 ure begon het zwart te kijken en te grollen in de verte. Veel, zeer veel vreemdelingen waren reeds in de stad of op weg, want den Donkeren Ommegang brengt van jaar tot jaar meer bedevaarders mede.

Rond 3 ure was de lucht op plaatsen geel als koper, elders pikzwart. Knetterende en snelopeenvolgende donderslagen vergezelden hevige regen en wind, zoodanig dat alle wandelaars van Markt en straten moesten binnenvluchten. Het duurde omtrent een uur. Om 5 ure kon de Donkeren ommegang zijne gewone ronde doen; er waren min bedevaarders dan andere jaren, maar een zeer groot getal hadden vroeger den Ommegang gedaan. Rond 6 ure keerde het onweder terug en duurde even lang als het eerste. Dit was genoeg om alle vreemdelingen aan te zetten zoo spoedig mogelijk huiswaarts te trekken.

Zondag was er veel volk voor een 2de zondag, meer dan gewoont.
’s Namiddags in de Boeschepestraat, was er drukke beweging voor de groote baanbolling. Er waren 892 bolders, verdeeld in de 30 herbergen van de markt tot aan ’t Wit huis medebegrepen. De eerste prijs – 200 fr? – werd gewonnen door een peloton van Boeschepe, hoofdman Commey. Dit peloton had 3 partijen gewoonen in den Havermuis, 3 in de Oude Violette en 2 au Cheval de Bronze. De tweede prijs – 100 fr. – werd behaald door het peloton Behaeghel Justin van Dranoutre met 7 naeenvolgende partijen. Het peloton Brutsaert van Houtkerke won met 6 partijen de derde prijs, 60 fr. Er waren nog 3 prijzen van 40 en 6 prijzen van 20 frank. Alles liep af in het grootste order tot genoegen en eere der inrichters.

Pameltje maandag is zoo een kermidag voor de Poperinghenaars alleene. De Pameltje wandeling wordt niet meer gedaan zooals voortijd, maar toch waren er tal personen er naartoe gegaan.
In de handboogmaatschappij ‘Willem Tell’ had er eene schoone prijssschieting plaats, nadat men er overgegaan had tot het aanveerde nvan 5 nieuwe confraters, wat het getal leden dezer bloeiende maatschappij op meer dan 100 brengt. ’s Avonds was het feest in Carrousel en Schaatsenrollersbaan en zoo eindigde onze kermis!

En ook het verslag over de prijskamp voor accordeons, wil ik jullie niet onthouden:
De Prijskamp in de Pottestraat gegeven, beghaalde ook den meesten bijval. 30 mededingers waren ingeschreven. M. Vanspranghe, bestuurder van het accordeon muziek van Rijssel, wist zijne toehoorders te verrukken met twee prachtige stukken die hij uitvoerde. Met algemeene stemmen werd hem ook de 1° prijs verleend; de andere prijzen werden toegekend: 2° prijs: Debruyne van Jonkershove en D’Heere Marcel van Poperinghe; 4° Prijs: Desmedt van Handzaeme en 5° prijs; Moerman van Yper. Al deze spelers hadden heel kunstig hunne stukken uitgevoerd.

De prijskamp voor Poperinghenaars gaf den volgenden uitslag: 1° prijs: Bellyng Pierre; 2° prijs: Bellyn Jerome; 3° prijs: Vandermarliere Joseph; 4° prijs: Bellyn Valere en 5° prijs: Desaegher Joseph. Dit feestje had in de Pottestraat veel wandelaars aangetrokken. Spijtig dat de regen het wat kwam storen.

Ja, die Vandermarliere Joseph is mijn grootvader!

.

Uit Doos Gazette nr 84 van 2009 – Guido Vandermarliere –

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>