Kiekebie en Ortjebie

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in       11 months ago     266 Views     Leave your thoughts  

Prijskamp voor gezang van blinde vinken

Terwijl bijna overal in ons land deze soort van kampstrijd, een overblijfsel uit een andere eeuw, afschaft en zelfs net zoals de hanengevechten verbiedt, blijft Ieper wellicht nog de enige stad die deze activiteiten omschrijft op de affiche van haar kermisfeesten.

Ze onderhoudt aldus, onder de lagere klasse van de bevolking het barbaars gebruik om onze arme vinken van hun gezicht te beroven bij middel van een gloeiende breinaald.

Het is niet waardig voor een gemeentebestuur dat zich katholiek noemt dusdanige gebruiken met subsidies aan te moedigen en te doen verderzetten. Veel eerder zou het strenge bevelen moeten geven om deze prijskampen te beletten en ten strengste te verbieden dat men jacht maakt, vangt of vernietigt onze zingende en insectenetende vogels in het algemeen.

Er zijn reeds veel te weinig van deze nuttige vogels om de lucht, die wij inademen te zuiveren, in de schade te beletten die miljoenen insecten, rupsen, wormen van alle soorten die onze velden verwoesten en zelfs tot bomen toe aanranden en hun wasdom beletten.

Men herinnert zich nog dat in het begin van dit jaar, ter gelegenheid van het bespreken van de stadsbegroting, een achtbaar raadslid, de heer D’Huvettere gezegd heeft dat men de lusthoven van onze oude vestingen zo aangenaam als mogelijk behoorde te maken. Met dat inzicht heeft men voorgesteld dat de stad hier en daar in de bomen gemaakte vogelnesten zou plaatsen teneinde de kleine vogels die de wandelingen verlustigen door hun gezang te beschermen tegen de roofvogels en andere vernielers.

Onze burgemeester, hoewel hij dit gedacht deelt, heeft de vrees uitgedrukt dat de jongens er gemakkelijk zouden aan geraken om de vogelnesten te roven en heeft er geen gevolg aan gegeven. Men weet hoe zeer onze stadspolitie reeds onmachtig is om de straatjongens te beletten de struiken, planten en bomen van onze schone hovingen te beschadigen en te vernielen.

Het verwondert ons dat de heer D’Huvettere die een vriend van de vogels in volle vrijheid schijnt te zijn, niet consequent bij zijn voorstel van januari is gebleven. Hij had volgens ons moeten protesteren tegen de prijskamp van de geblinde vinken wanneer de gemeenteraad daar het programma van de Tuindagfeesten heeft goedgekeurd.

Vermits het hem niet behaagd heeft om dat te doen, dienen wij protest in, zowel in onze naam als in naam van de stad en in naam van de maatschappijen die ingericht zijn ter bescherming van de dieren.

Vinkeniers en vinken

Van over verscheidene eeuwen bestonden hier ter stede zoals in veel plattelandse gemeenten van het land en van de vreemde maatschappijen of gilden van vinkeniers. Ieper telde er reeds verscheidene. Een van de voornaamste en oudste was gevestigd in de herberg ‘Het Zuiden’ in de Rijselstraat, onder de heiligen Philippus en Jacobus.

Zij had volgens men beweert een kapel in de Sint-Pieterskerk en bewaarde er een zeer oud vaandel. Haar reglement omlijst, dat wij voor enige jaren bij een oudeleur ontdekten, werd vernieuwd in 1849. Het bevat 20 artikelen. Zo lezen we onder andere in artikel 5; ‘op de eerste zondag van mei zal er gezongen worden voor de koning, waartoe ‘s avonds tevoren geloot zal worden. ‘s Morgens met de klop van zes ure zal elk moeten zijn vogel placeren waar zijn lot gevallen is, zonder die zelf nog aan te raken en getrouwelijk aan te tekenen tot de eerste klop van 7 ure, op boete van 10 centiemen.’

Artikel 6: ‘de medezingende confrater wordt gehouden ter partie te brengen een geblinde boomgaardvink, zingende liemen, maar veeuw of wideeuw, zelfs zui niet goed, op peine van verbeuring van vogel en kooi.’

Artikel 15: als wanneer men audiëntie zal klinken, zal eenieder aanstonds het spel eindigen, het smoren staken, met ontdekte hoofden zijn en stil zwijgen. Het is verboden zijn pijp te ontsteken aan het beeld van de heiligen of aan de kaars op tafel staande. Wie hierop betrapt wordt vervalt in een boete van 2 centiemen.

De vink is een vogel minder dan de mus. In het Frans ‘pinson commun’ en in het latijn ‘Fringilla Coelibs’. Men noemt ze in West-Vlaanderen ‘Boomgaardvink’ omdat zij vooral in de fruitbomen nestelen. Anders noemt ze tevens botvink, appelvink, slagvink of wintervink.

De vinken van de prijskampen zijn boogaardvinken.

De boogaardvink slaat of zingt. Ze slaan niet allemaal gelijk. Van daar dat de vinkeniers diezelfde onderscheiden volgens hun zang met de namen van Daverswie, Kiekebie, Ortjebie, Rabberdouw, Rieswie, Toptop en Riewie. De slechte zanger staan bekend als Walen, Giskolie, Tiekowie, Trowie, enz..

Hier zullen we aanmerken dat men bijna overal in ons Vlaanderen Boogaard zegt voor Boomgaard. Vandaar ook de familienamen Bogaert, Van den Bogaerde, Vanden Boogaerde, enzoverder.

Men heeft voorbeelden dat een goede slagvink zijn lied 770 maal in een uur kan herhalen. Het nest van dit vogeltje is een echt meesterstuk. Hij maakt het in de bossen en in de hoven. De mannekes van de vinken zijn in eerbied in sommige streken van Duitsland en bereiken soms hoge prijzen, volgens de uitgestrektheid en de buigzaamheid van hun stem. De Duitse boer zou zich de nodigste voorwerpen opofferen om zich zo’n vink te kunnen aanschaffen.

Wij denken dat het gepast is om onze lezers voortaan mee te delen dat er nu zondag een prijskamp voor blinde vinken zal plaats vinden, uitgeschreven met geldelijke ondersteuning van ons zo katholiek stadsbestuur en met gedoogzaamheid van de rechterlijke overheid!!

Uit ‘De Weergalm’ van 30 juli 1908 – www.historischekranten.be –