’t Is vuile vijftiene

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in       4 months ago     144 Views     Leave your thoughts  

Gezegden uit de grensstreek

Uit ‘Aan Weerszijden de Schreve’, spreuken verzameld door priester Decalf.

Men moet geen hooi in d’eyze (ruif) laten (zijn glas uitdrinken)


Ik heb er niet bij gestaan met een keirse (ik was geen getuige)


Duveltjesdomdag (zeer druk in de zaak)


Je moet nooit in twee dijken tegare springen (uw moeilijkheden niet opstapelen)


Rauwe tand, lauwe hand


Os je goat in de messe, je loat oltied plume of vlerke (vanwege het bedelen)


Ze goan jong deugd hebben van hun armoede (jongelui die vroeg huwen)


Jong te paarde is oud te voete


De keel kost veel


Klaps vullen geen zaks


Een blind zwijn vindt ook een eikel


Boffen en schyten in zijn broek, elkedeen kan dat.


Er zijn meer oude dronkaards dan oude dokteurs.


Twee duvels doen vechten (door slechte inborst)


Goeie geesten weerekeert – Slechte geesten en zie je nie meer.


Gat-in, gat-uut spreken (ongerijmd)


’t is vuile vijftiene (riftje-raftje, gemene lui)


Hij heeft een vlieg in zijn oog (wat bewaaid, dronken)


Een leven maken als een klythage (veel lawaai om niets)


Een hazetukje doen (na het middagmaal even indommelen)


Die verloopt voor ’n stro vindt licht een bundel (van de drop in de regen)


’t Taksken groeit naar de boom (zo de vader, zo de zoon)


Men kan geen water tappen uit een wijnvat.


Een slecht soldaat die zijn wapen laat pakken.


Steek uw vinger niet in dat gaatje. (betrouw dat zaakje niet)


’t Bobijntje is eenmaal tenden (het geduld is eens ten einde)


Mijn handen jeuken naar ’t werk en mijn voeten naar huis.


Laat varen dat vaart.


Er is een vreemde duif op ’t kot.


Klappen en breien (keuvelen en tevens werken)


God schept de dag en moeder de soep.


Binst dat ’t schaapken blet, verliest ’t zijn bete.


’t Ei uit zijn gat vragen.


’t Komt te lope en gaat te voete weg (ziekte)


We gaan een knoopsgaatje maken (bij een messengevecht)


Sta maar vroeg op als ge de naam van lange slaper hebt.


’t Is nen flauwe buiten (bij regenachtig weer)


Mijn maag heeft de hele dag met haar muilken in ’t vet gezeten.


’t Is zo heet dat de kraaien gapen.


De dag van vandage moet ge zeven gevels hebben (de huik naar de wind keren)


Een kap in de trouwboek geven (ontrouw zijn)


‘k Ga me niet geven als een krop salade.


Hij had nogal veel bovenwind (was dronken)


Ieder plaideert voor zijn heilige (zorgt voor eigen zak)


Pissen tegen de maan (een slag in het water)


’t Gaat zo zere als lukken bakken (in een handomdraai)


’t Komt op geen mierepisje aan (het steekt niet zo nauw)

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>