Zoals iedereen wel weet, maakten onze streken in de tachtiger jaren van de 18de eeuw deel uit van het Oostenrijkse keizerrijk. Jozef II (de “keizerkoster”) regeerde met vaste hand als verlicht despoot en hij wilde grondige hervormingen doorvoeren. Zijn energieke aanpak, waarbij hij erin slaagde zowat iedereen, met inbegrip van adel en geestelijkheid, de leidende klassen op dat ogenblik, tegen zich in het harnas te jagen, leidde uiteindelijk tot een diepgeworteld ongenoegen, culminerend in een opstand.