In het jaar 1913 in de zomer had men de vijver beginnen herstellen en vermeerderen. Het was een grote onderneming. In 1913 had men niet veel kunnen verrichten. In de winter niets. Men herbegon in de lente 1914 maar voor de oorlog kreeg men veel te weinig werkvolk (omdat de lonen ingevolge de arbeid niet zeer groot waren.
Is een eigen kapittel niet de gedroomde plaats om hun kinderen te laten genieten van een gepast inkomen? De opbrengsten (prebenden) verbonden aan een kanunnikplaats zijn uitermate attractief. En dat ze daarbovenop nog een officieel karakter hebben dank zij kerk en staat is al helemaal meegenomen! En de verzekering van het eeuwige zielenheil is natuurlijk een toemaatje van belang.