Het Bareeltraktaat van 15 november 1715 schenkt Oostenrijk een deel van Frans Vlaanderen terug. Het […]
Zo duiken we het jaar 1385 binnen waar er onmiddellijk sprake is van een grote vondst in de Boterstraat. Er zal een nieuw stenen huis gebouwd worden en bij het verwijderen van oude funderingen wordt een marmeren trap blootgelegd die de ongetwijfeld verbaasde bouwvakkers leidt naar een gewelfde kelder die geschraagd wordt door 6 pilaren, ook al van marmer.
Het leger dat Vlaanderen op poten wil zetten om de Fransen te bestrijden zal dus bestaan uit milities van Brugge, Gent, Ieper, het Vrije en van alle andere Vlaamse steden. Met uitzondering van Oudenaarde en Geraardsbergen. Er zitten zelfs een aantal Engelse boogschutters bij. Het grootste deel van het leger ligt nog altijd voor Oudenaarde. De Leie wordt vanaf nu goed in de gaten gehouden. Twee van zijn kapiteins worden met enkele duizenden mannen naar de belangrijke grensrivier gestuurd. Pieter Van den Bossche kampeert voor Komen en Pieter De Winter voor Waasten. Alle andere oversteken zijn kapot gemaakt of waardeloos.
