In Vlaanderen werd en wordt 1 april ‘Verzenderkensdag’ genoemd. We kennen geen typisch dialectwoord waarmee dit gebruik wordt benoemd. De Engelsen integendeel kennen een gelijkaardige variante, nl. ‘All fools’ day’. De persoon die men beet nam werd een ‘Aprilgek’ of een ‘Aprilzot’ genoemd.
Het gezin stond niet op losse schroeven en de verloving bezat een bindend karakter. Waar men zonder zware en geldige reden een verloving ongedaan maakte, werd dit als een verbreking van de trouw aangezien. Wie verbrak moest er dan ook de gevolgen dragen.
’t Waren slechte boerenjaren en een boer van ‘De Brabant’, een wijk te Poperinge, hing aan de balie. Ze waren zwart van d’armoe en een gebuur zou een zwijn gaan stelen.