In de huizen waar niemand thuis was hebben alles meegenomen wat hun dienen kon, in vele herbergen betaalden ze niet, van hooi en strooi bedienden ze zich naar willekeur en namen een goede voorraad mee. Bij Jules Maerten en bij Hilaire Lievens stalen zij een paard en bij Petrus Braem 1 paard en 2 velo’s.
Een van de eerste gemeentehuizen stond waar het marktplein nu gelegen is. Het was een herberg en tevens brouwerij. In 1795-1796 werd het herbouwd, veel groter en schoner. Het werd tevens het vredegrecht.