Honderdzeventig jaar geleden, in 1798, werd het woelig in de streek. Reeds vier jaar leefde men toen onder de druk van commissarissen en sansculotten, de kerken waren gesloten en de godsdienstbeoefening verboden, de jonge mannen moesten dienst nemen in het Franse leger.
Sedert enige dagen heeft men in de Reninge (Broek) ganse troepen wilde zwanen bemerkt die de streek overvliegen, en zich in de meersen neerzetten.
Ik stap nog maar eens binnen in de ‘Jaerboeken van Veurne en Veurnambacht’. De Engelsen zijn de voorbije maand met 12.000 soldaten de grens overgestoken en hebben lelijk huis gehouden in het Westland.
Op een tiental kilometer van Ieper ligt het vreedzaam dorpje Woesten met zijn 1300 echte Vlaamse inwoners.
Op het grondgebied van wat vroeger de bloeiende gemeente Wijtschate was, te midden een echte wildernis, woonde zekere Vandenabeele Cyrille, geboren te Geluwe op 7 februari 1865.
Ik zal u een vertelderke vertellen, dat ik gehoord heb in mijn jongste jaren, en dat ik nog nievers geboekt en hebbe gevonden; ’t is het vertelderke van Ko Lukkeboone. Luistert: