Het jaar 1294. De voortdurende ontwaarding van het Vlaamse geld en de handelsboycot zorgen voor […]
Filips van de Elzas lijkt in tegenstelling tot zijn vader niet erg gehaast om er in te vliegen en om de barbaren uit het land te verjagen. ‘Eerst wat sightseeing’ denkt hij, en dus neemt hij alle tijd om de heilige plaatsen waar hij al zo vaak over gehoord heeft te bezoeken.
’t Was aven en doenker
Me waren op ’t laste van november;
‘k Hadde de koeën strooi egeeven,
Bij mijn bezoek aan het Ieperse stadsarchief stoot ik per toeval op een krantenknipsel uit 1930. Een heel erg informatief stukje journalistiek uit vroegere dagen. Spijtig genoeg kan ik niet rekenen op enige bronvermelding.