De kroniekschrijvers hebben de smaak te pakken. De tabloids van de oude tijden bestaan dan nog in een andere vorm. Smullen van decadentie en het sterrendom zal wel van alle tijden zijn. De luister die het huis van Bourgondië hier weer tentoonspreidt is dan ook wel een uitgebreid verslag waard.
Die toveresseknok ligt langs de Moorselestraat. Het is een bergje met een grote boom in het midden. De berg zelf bestaat uit verschillende aarden trappen die de boom omringen tot op een hoogte van omtrent 150 centimeter.
Het kapittel eist een vierde van de overlijdensrechten en de begrafenisgelden van allen die op het kerkhof van de broeders wordt begraven. Ze stuiten op een weigering van de Minderbroeders die opwerpen dat de pastoors van Sint-Maarten al hun ding hebben kunnen doen want allen die begraven liggen, hebben een begrafenisplechtigheid gekregen in één van de parochiekerken van de proosdij.
Ze zijn er met lichten binnengegaan en vonden daarbinnen een ijzeren koffer met ijzeren banden beslagen, welke koffer ze hebben opengeslagen en daarin hebben gevonden een groot deel zilveren penningen. Allemaal in de vorm van een kroonstuk, op welke penningen aan de ene kant gegraveerd stond een portret van een keizer met een kroon en een scepter in zijn handen.