banner
dec 2, 2020
1220 Views

Een fabelachtig beest

Written by
banner

Anno 1933, einde juni, volgende zaterdag 1 juli rond de middag zou de vergulde draak, het zinnebeeld van de gemeentelijke vrijheid door aannemer Juliaan Vandekerckhove op de toren van het belfort geplaatst worden. Het zou nog altijd dezelfde draak zijn die na de aardbeving van 1692 op de 29ste september van dat jaar opgesteld werd en nu zou ze na de nodige herstellingen en schoon verguld haar oude plaats komen innemen.

Tot aan het begin van november 1914 was de lakenhalle tijdens de eerste wereldoorlog ongeschonden gebleven. Maar op de avond van de 3de november, om 17u20 toen stadsknecht August Tegethof naar boven geklommen was om zoals gebruikelijk het uurwerk op te winden, kwam de eerste obus van de Duitsers op het belfort terecht. Dan gingen er drie weken van beschietingen en brand voorbij. Maar op 22 november om 9u kwamen houwitsers uit het zuidoosten op het belfort neer. Een eerste viel op de toren, een derde op het uurwerk en zo verder, zonder verpozen.

Ondertussen kwamen brandbommen het vernielingswerk voortzetten. Lange tijd steeg er een rookzuil op het uit dak van het belfort, vervolgens werd heel de toren in een rook gehuld en uiteindelijk sloegen de vlammen door. Omstreeks 11u vielen de klokken van de beiaard met een akelig geluid naar beneden en de brand breidde zich meer en meer uit. Gedurende vier jaren kreeg de trotse toren het hard te verduren en na de oorlog was deze een onooglijke hoop puin geworden. Er zouden tien jaar voorbijgaan eer de werken voor de heropbouw van het belfort zouden aanbesteed worden.

Dit gebeurde in augustus 1928. En nu, in 1933, was men begonnen met de afbraak van de stellingen en we mochten hopen dat het belfort weer in zijn volle glorie zou te bewonderen zijn op komende Thuyndag. We mochten nu wellicht de heropbouw van de vleugels van de lakenhalle verwachten.

Op de 1ste juli, naar oud gebruik was men, vooraleer de draak op het belfort te zetten, hier en daar bij de bijzonderste ingezetenen van het stad het monster gaan tonen. Twee mannen droegen het op een berrie want het beest woog niet minder dan 45 kilo en het mat van de kop tot aan de staart 2,40 meter.

Eerst werd er een afkondiging gedaan dat de draak geplaatst zou worden zaterdag kort na de namiddag, maar achteraf had men ingezien dat het niet allemaal zo simpel zou gaan en dat er voor zulke zeldzame gebeurtenissen wel een deuntje muziek mocht bij zijn. En onze burgemeester en schepenen hadden het goed geraden; we konden inderdaad zien hoeveel Ieperlingen nog Iepers voelden en dat had ons waarlijk deugd gedaan.

Zaterdagavond zou nu de hoge verhuis plaatsvinden. Dat werd bekendgemaakt door middel van plakbrieven en de Ypriana was op post. Om 19u – het was waarlijk vreemd om te zien – was er omzeggens nog geen levende ziel te bespeuren op de Grote Markt, maar een half uur later zag het er zwart van het volk. De draak, na de veel pelgrimaties van de voorbije dagen, lag daar nu, op haar lengte uitgestrekt op een berrie in afwachting van de grote plechtigheid.

Daar kwamen de burgemeester en de schepenen en na het weerloze dier nog eens goed bekeken te hebben ging onze burgervader nu over tot de doop. Met een gepaste formule en een welgemeende wens, goot hij de onstuimige ‘bruissaard’ in de opengesperde muil en gaf hij het sein tot het vertrek. Langzaam klom het dier nu naar boven, en van hand tot hand overgegeven geraakte het vastgebonden aan het schalk.

De heer Juliaan Vandekerckhove, de zo gunstig gekend aannemer, klom de loodrechte ladder op en met veel omzichtigheid bracht hij het fabelachtig beest op zijn laatste rustpunt, gaf het een ferme draai om te zien of het zou kunnen draaien naar alle winden. En het muziek speelde de Brabançonne en daarna Onze-Lieve-Vrouw van Thuyne wat meegezongen werden door het volk. Het was een klappen in de handen, een wuiven en roepen dat het horen en zien verging. Negentien jaar immers was Ieper zonder belfort en zonder draak geweest en de vreugde van het volk bij het zien van de stoere toren was er zoveel te groter om. Het was een schone dag voor Ieper, wanneer zou de beiaard nu komen?

Uit ‘De Grote Kroniek van Ieper’ (werk in opbouw).

Article Tags:
· · ·
Article Categories:
terug naar het verleden
banner
http://www.dekroniekenvandewesthoek.be

Vlaamse geschiedenis zoals je die nog nooit beleefd hebt!

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *