E je frites g’eten tè? Dat zegt men tegen iemand die het vertikt om goedendag te zeggen. En als die man dan vraagt waarom, luidt het antwoord ‘omdat je moend nog toeplakt van ’t vet’.
Afkomstig uit Vlaanderen, werd dit volk overgeplaatst door de koning van Engeland, Hendrik I, om deze streken te bewonen. Een moedig en sterk volk is het, een volk door voortdurende strijd zeer vijandig gezind jegens de Cambriërs, een volk, zeg ik, bedreven zowel in het weven als in het handeldrijven, een volk zeer behendig om winst te maken en hiervoor geen moeite sparend of gevaar vermijdend zowel te land als ter zee : een volk al naar gelang plaats en tijd, vaardig in het hanteren nu eens van den ploeg dan weer van de wapens, een volk waarlijk gelukkig en moedig.
Wervik en Warwick zijn zowat Siamese tweelingen voor wat hun naam betreft: een nederzetting van mannelijke krijgers. Er rest mij nu nog het tussenvoegsel ‘via’ dat hier parmantig paradeert tussen de wijk van de mannelijke krijgers. Wie kent er niet de ‘Via Roma’ waar de wielrenners op vandaag voorbij racen tijden de klassieker Milaan-San Remo? Ik vind een perfecte Engelstalige beschrijving van het woord: ‘a road or paved part in a village or town’. Het geplaveide deel van de Wervikse nederzetting zorgt er voor dat de Romeinen haar de naam van Viroviacum toekennen. Via is van oorsprong trouwens ook Indo-Europees. Weg-ya.