Eind 1792. In Ieper hebben nogal wat Franse vluchtelingen hun veiligheid gezocht. Die zijn nu […]
Ooit had ik dochters van hetzelfde blond
als jij, maar eerst met haartjes van zwart garen toen
ze eenmaal hij mij kwamen. Daar zaten witte vlokjes in
Als een oase van ingetogen stilte aan en uitkant van een ingesluimerde stad, lag voor de oorlog, te Diksmuide, het begijnhof in de vorm van een driehoek, wiens toppunt, het eeuwenoude kerkje met spitsen gevel en bevallig torentje, naar beide zijkanten uitliep in een rij witgekalkte huisjes uit de zes- en zeventiende eeuwen.
De laatste van die reeks was de onthoofding van Karel Kestelyn te Ieper. In de krant ‘Burgerwelzijn’ van de 16de december 1861 – stond het volgende berichtje: Sprekende over de moord van Reningelst, zegt een blad van Ieper: zondagmorgen, is er te Reningelst een moord begaan op de genaamde Marie de Breune en Theophile Salomé.
Met al die willekeur en die afpersmentaliteit is het niet moeilijk dat de moraliteit terugloopt in Ieper. De ‘God ziet u’ bordjes bestaan nog niet en de priesters hebben wel andere interesses dan de geestelijke integriteit van hun onderdanen. Er is amper sprake van nieuwe acquisities tijdens het bewind van abt Pierre. Het zijn blijkbaar moeilijke tijden voor het klooster. De Rubrum registers maken melding van een aankoop in januari 1247. Walter, de abt van Grimbergen, verkoopt aan de Ieperse proosdij alle eigendommen die zijn abdij bezit binnen de stadsmuren van Ieper. Het betreft opbrengsten van meer dan 9 pond afkomstig van verscheidene huizen in de stad en blijkbaar ook deels op de lakenhalle.