‘De kerk is een winkel’, zo leren de geuzen maar ze dolen, want als er […]
E je frites g’eten tè? Dat zegt men tegen iemand die het vertikt om goedendag te zeggen. En als die man dan vraagt waarom, luidt het antwoord ‘omdat je moend nog toeplakt van ’t vet’.
Felicitas heeft ook die tijden beleefd en dag voor dag het hele verloop van die patatteplaag opgetekend, doormengd met het verhaal van de geweldige toeloop van pelgrims die dan kwamen dienen naar het St-Antoniuskapelleke, bij den Hukker te Rumbeke.
D’er zijn menschen die van olles zou’n doen, om toch maar nieten te moeten doen.
Van al de dingen da’k ooit verloren zijn, misse ‘k ik mijn verstand het meest.
W’en t’ol gezien en gedoan, moar we zijn ’t meeste d’ervan vergeten.
Vandoage is de morgen woar over da’j gisteren sikaneerde.