Op het einde van de Romeinse periode, rond 270, staat de hele Vlaamse laagvlakte onder […]
Donderdag 4 augustus 1588. Zowat een uur voor het luiden van de poortklok krijgt Ieper […]
Aan Franse zijde lopen de militaire voorbereidingen bijzonder gesmeerd. De koning heeft de heilige banier […]
Hoe wonen onze voorouders in de vroegere tijden? Tot ver in de jaren 1000 wordt er helemaal niet gebouwd in steen. Stenen zijn niet verkrijgbaar. De Romeinen kenden bakstenen maar hun bouwmateriaal raakt na de Romeinse bezetting volledig in onbruik.
De hoogten van Terrest en van de de Kaaiaard zijn bekleed met keivelden (silex of vuursteen, koppekeien). Die silexen werden ter plaatse bewerkt, wat blijkt uit de splinters die daar lagen. Ook moeten bewerkte silexen overgebracht geworden zijn uit Henegouwen (Spiennes).
Ieder leenman moest zijn onmiddellijke leenheer hulde bewijzen. Hing een leen van een ander af, zo was het een achterleen.
Om de oorsprong van de prochie van Stade te vinden en is het niet noodig hoger op te klimmen in de tijdrekening, als tot het einde van de jaren achthonderd.
’t Was waar: de gendarmes stonden daar. Ze brachten de vluchtelingen onder in 2 zalen. Wij lagen in de eerste zaal. Daar brandde een grote stoof. We sliepen in rijen in ’t stro. We moesten gaan eten in ’t hospice. Drie keer per dag: ’s morgens een kom frutsop en een snee droog brood, ’s noens een kom soep – ze stonk; ’t was lijk van de schoteldoek gekookt -, ’s avonds weer een snee brood en frutsop.