Dinsdag laatst, in de morgen, had er een zonderling huwelijk plaats. Nadat de bruid het afgetrapt had, was de bruidegom op zoek geweest om zijn weggevlogen tortelduif terug te vinden.
’t Waren slechte boerenjaren en een boer van ‘De Brabant’, een wijk te Poperinge, hing aan de balie. Ze waren zwart van d’armoe en een gebuur zou een zwijn gaan stelen.
De middelen om den snik te keere te gaan zijn velerhande en onder die middelen bestaan bij ’t volk de volgende:
– een klont suiker eten in azijn gedoopt – vrees aanjagen – duim en kleine vinger in de vuist knellen – een mes tusschen de tanden houden en niet verademen – de pols spalken en den asem ophouden – den snikker onverwachts een kaaksmete geven – een glas water traagzaam uitdrinken en de neusgaten stoppen,