banner
dec 1, 2020
1032 Views

Balorige Kortrijkzanen

Written by
banner

De geschiedenis herhaalt zich
Anno 988. De geschiedenis herhaalt zich. Wat moeten een jonge knaap aanvangen als leider van een land? In het zuiden staat de koning van Frankrijk te watertanden om Vlaanderen eindelijk binnen te rijven om er de rechtstreekse controle over uit te oefenen. Boudewijns moeder Susanne behoedt Vlaanderen voor dat onheil door in 989 te trouwen met de zoon en troonopvolger van koning Hugo Capet. Ik heb het over Robrecht II de Vrome. En daarmee lijkt de druk een beetje van de ketel. De interne keuken van het land is allesbehalve hoopgevend. De Vlaamse edelen beschouwen het eigenlijk niet nodig dat er hier in Vlaanderen één iemand de scepter zwaait. Voor hen is het veel beter om zelf baas te zijn van je eigen grondgebied en hebben ze geen nood om door een superieure graaf bevolen en gechaperonneerd te worden.

De meesten onder hen streven naar onafhankelijkheid. De Vlaamse leenmannen kijken daarvoor in de richting van Brabant en elders en stellen met gretige ogen vast hoe de Lotharingse adel te werk gaat en elkeen de scepter zwaait in zijn eigen heerlijkheid. Ook in Duitsland is dat het geval. Ze profiteren van de jeugd van Boudewijn IV om er hun eigen voordeel mee te halen. Goed gezeten op hun burchten of kastelen wachten ze elke gelegenheid af om onder de meeste valse voorwendselen hier een stuk land en daar een bos of een weide aan hun bezittingen toe te voegen. Anderen doen er alles aan om hun eigen meester te worden en zich aan het gezag van de graaf te onttrekken en bij voorkeur rechtstreeks onder het gezag van de koning van Frankrijk te staan. Die kan hen van op afstand nu eenmaal minder in het oog houden.

De balorige Kortrijkzanen
Een van die balorige graven is Eilbodo, de burggraaf van Kortrijk die de inwoners van de pagus Cortracensis zodanig op zijn hand probeert te krijgen waardoor hij niemand meer lijkt te vrezen. Terwijl het naburige Harelbeke fanatiek loyaal blijft ten opzichte van de graaf van Vlaanderen, veegt Eilbodo er zijn voeten aan en neemt hij in 990 de Kortrijkgouw officieel in zijn bezit. Niet veel later sterft Eilbodo en zitten zijn onderdanen nu toch wel met een bizarre erfenis. Aanvankelijk blijven ze de principes van hun overleden burggraaf trouw, ze zeggen eveneens hun gehoorzaamheid aan Boudewijn IV op. Terwijl ze het ongehoord vinden dat hun Harelbeekse buren dat niet doen. Die twee tegengestelde meningen zorgen er voor dat de Kortrijkzanen in de clinch geraken met de Harelbekenaars. Op een donkere nacht vallen die van Kortrijk met de wapens in de hand binnen bij hun buren. Een overval die eindigt met een burcht, een kerk en de omringende huizen in de as. Dit triest voorval toont dat de aanwezigheid van een superviserende graaf absoluut nodig is om de orde in Vlaanderen te herstellen. Het is in elk geval zo dat de ontluikende welvaart in het land een stap moet terugzetten.

Eilbodo blijft buiten schot
Voor Boudewijn breken gelukkig zijn ‘mannelijke’ jaren aan. Het is hoog tijd om orde op zaken te stellen. Of hij op dat moment twaalf, veertien of achttien jaar is laat ik in het midden. De kroniekschrijvers zijn weer eens echt slordig geweest met het vermelden van jaartallen. Feit is wel dat hij als volwassene een schone bruine baard kweekt en daardoor in de geschiedenisboeken verzeilt als ‘Boudewijn IV met de Schone Baard’. Of hij die beharing al dan niet heeft staan bij zijn revanche weten ze in Kortrijk niet te vertellen, het is wel zeker dat ze door hem ferm gestraft worden voor hun euveldaden tegen Harelbeke en hun rebellie tegen zijn heerschappij. Boudewijn jaagt de schuldigen meedogenloos op de vlucht.

Eilbodo zelf blijft buiten schot want die is dan al een hele tijd overleden zonder erfgenamen achter te laten. Kortrijk zal het voor de rest van de geschiedenis moeten stellen zonder een eigen burggraaf en zich moeten tevredenstellen met een gewone kastelein. Boudewijn dankt die overwinning aan zijn reflex om de inwoners van zijn domeinen te bewapenen. Hij is daarmee de eerste graaf van West-Europa die het systeem invoert om lijfeigenen en burgers als krijgslieden te gebruiken. Het zijn wel te verstaan natuurlijk met zijn allen Chinese vrijwilligers. Maar voor nogal wat jonge kerels bieden dapperheid en vechtkunst mogelijk een kans om vooruit te geraken op hun weg naar vrijheid en zelfstandigheid. Toch wel een beetje zielig voor de nabestaanden van al die vrije mensen die zich ooit in dit veelbelovende Vrilandia vestigden.

Een dwaling in de Apocalyps
Boudewijn IV slaagt er wonderwel in om alle dissidentie tegen zijn persoon uit de weg te ruimen. Hij stelt een raad van wijze en voorzichtige mannen aan die hem in zijn beleid zullen bijstaan en brengt Vlaanderen op die manier absoluut in rustigere vaarwateren. De graaf beslist om in Sint-Winoksbergen een groot kasteel te bouwen, maar verandert nog tijdens de constructie van gedacht. Dit moet geen burcht worden maar een prachtig klooster ter ere van de heilige Winoks. Hij laat zich op het einde van de 10de eeuw nog wel meer opmerken door giften en weldaden voor kerken en abdijen. Het eerste millennium van de nieuwe tijdrekening breekt weldra aan.

Die laatste jaren in de aanloop naar het jaar 1000 leeft de bevolking met de overtuiging dat de wereld binnenkort zal vergaan en valt alles een beetje stil. Verschrikkelijke hongersnoden gevolgd door etteloze ziekten en sterfgevallen in het land verspreiden de overtuiging dat de wereld op zijn laatste benen waggelt. Nogal wat Vlamingen bereiden zich voor op het einde van de wereld met nog een ultiem bezoek aan het heilig land. Een dwaling die zijn oorsprong vindt in de Apocalyps. Een profetie uit het bijbelboek ‘Openbaring’ is de schuldige. Daar vertelden ze zonder veel gêne of scrupules dat Jezus bij zijn terugkeer op aarde een wereldrijk zou stichten dat duizend jaar zou duren. Vandaar. Het doet me hoe dan ook denken aan die ontelbare valse profeten die in het jaar 2000 identieke zever in de media zullen brengen. De millennium-bug zal vermoedelijk van alle tijden zijn.

En de wereld draait maar verder
Maar het jaar 1000 breekt aan zoals alle andere jaren. De wereld draait verder zijn gestoorde gang. De mensen scheppen weer moed. Het leven gaat dan toch voort. Vreemd, er moet toch iets verkeerd geweest zijn aan die profetie. De Vlamingen storten zich met hernieuwde energie op handel en nijverheid, bouwen weer kerken en kloosters. De opgedane inspiratie bij de architectuur in Jeruzalem laat zich al gauw zien in het Vlaamse stadsbeeld. De Vlamingen beginnen commerce te doen met Engeland, Boulogne ontwikkelt zich daarbij tot een belangrijke haven voor import en export. En dat doet Brugge ook, de stad explodeert zowat met zijn boomende zeehandel. Graaf Boudewijn IV moet deze ongebreidelde groei wat in goede banen leiden. Hij verdeelt de Brugse burgerij in negen gilden, stelt dertien schepenen aan die zelf een hoofd kiezen die ze de naam van burgemeester toekennen. Gent blijft ook niet achter. De bevolking die zich altijd genesteld heeft in de schaduw van de abdijen gaat zich vestigen op het eiland tussen de Schelde en de Leie. De eerste gilde zorgt er voor dat de nering op gang komt en dat er onderlinge solidariteit komt. De toekomst van Vlaanderen begint er nu toch wel goed uit te zien.

Uit deel 9 van ‘De Kronieken van de Westhoek – Het Oud Verhaal van Vlaanderen’

Article Categories:
terug naar het verleden
banner
http://www.dekroniekenvandewesthoek.be

Vlaamse geschiedenis zoals je die nog nooit beleefd hebt!

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *