banner
apr 17, 2020
1264 Views

Een kwaadaardige gravin

Written by
banner

De hemeltergende haat van Zwarte Margriete
Eigenlijk is de hele toestand de schuld van de gravin van Vlaanderen en Henegouwen. Haar fanatieke haat tegen haar eigen kinderen die ze steevast als bastaarden bestempelt is zo hemeltergend dat dit eigenlijk de reden is waarom haar tegenstanders haar omschrijven als ‘Zwarte Margriete’. Met diezelfde pejoratieve betekenis als in ‘Zwarte Weduwe’, een levensgevaarlijke spin waar je beter van uit de buurt blijft. Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat haar trauma te maken heeft met haar verplicht huwelijk met die mislukte pastoor Burchard van Avesnes. Tien jaar was ze toen. Vier jaar later werd ze moeder van Jan van Avesnes, een zoon die ze haat tot in het diepst van haar ziel. Heel haar puberteit stoot een walm van seksueel misbruik uit. Haar afkeer voor de Avesnes kan hier toch wel zijn fundamenten vinden.

Hoewel dit natuurlijk maar een vermoeden is van ondergetekende. Haar scheldpartijen brengen de kwestie tot bij de paus. Jan en Boudewijn zijn de verwijten van hun moeder zodanig beu dat ze via de Franse koning de wettigheid van hun geboorte laten onderzoeken. Een kwestie die bij de pauselijke instanties belandt. Na een ernstig onderzoek verklaart een onderzoekscommissie tijdens de winter van 1249 dat Jan en Boudewijn wel degelijk wettelijke zonen zijn van Margareta. Paus Innocentius dreigt er nu mee om haar te straffen indien ze beide zonen nog verder beschuldigt en beledigt als zijnde bastaarden.

De gravin blijft echter hardleers en wil maar niet tot het inzicht komen dat ze beiden zwaar discrimineert. Ze stelt zich bitter op tegenover de Roomse koning die Jan en Boudewijn wel weet te appreciëren. Haar stuurse houding zorgt er in 1250 zelfs voor dat er een nieuwe oorlog dreigt te ontstaan tussen Holland en Vlaanderen. Die wordt dankzij de bemiddeling van hooggeplaatste personen gelukkig verijdeld, maar de afspraken nadien zijn erg ingewikkeld en zorgen nergens voor tevredenheid. Met Zwarte Margriete is werkelijk geen land te bezeilen. Ze sluit zelfs Willem van Dampierre uit van het bestuur in Vlaanderen na zijn terugkeer van Egypte, net zoals ze trouwens weigert om Jan van Avesnes te raadplegen in de Henegouwse aangelegenheden.

Een fatale cocktail
De hautaine gravin zal weldra een flinke toon lager zingen. Haar zoon Willem neemt op 6 juni 1251 deel aan een riddertornooi georganiseerd door de heer van Trazegnies. Zowat de hele top van de ridderwereld uit Henegouwen, Vlaanderen en Brabant strijkt er neer. Mannetjesgedrag, onderlinge conflicten en de haat tussen de Avesnes en de Dampierres blijken hier toch wel een fatale cocktail te zijn waarbij de heren met elkaar kunnen afrekenen. Tijdens het steekspel vergeten sommigen de fairplay eigen aan de ridderstatus en hakken ze in op hun vrienden-tegenstrevers dat het niet meer mooi om zien is. Het bloed stroomt die dag rijkelijk en er vallen verschillende doden. Onder hen ook Willem van Dampierre. Margareta staart woedend voor zich uit wanneer ze het verschrikkelijk nieuws verneemt. In haar blinde haat legt ze direct de schuld bij de Avesnes. Dampierres lichaam wordt met een grote rouwplechtigheid naar Marquette gevoerd en daar op 6 mei 1251 onder een marmeren graftombe begraven. Daar zal Henegouwen voor boeten.

Ze verhoogt in dat landsdeel alle rechten en belastingen, ontslaat al de baljuws, proosten, kasteleins en andere beambten en vervangt ze door 300 Vlamingen. Ze krijgen de opdracht om niets door de vingers te zien. Om haar functionarissen te beschermen krijgen ze een statuut van onschendbaarheid. Daardoor snijdt ze natuurlijk in de ziel en de eigenheid van de Henegouwers, ze hongert het land moedwillig uit. Haar obstructie van Henegouwen staat dan weer in schril contrast met haar goodwill voor Vlaanderen. De inwoners hier staan volop in haar gratie. In 1251 verleent Margareta aan de Gentenaars – tot groot jolijt van de kooplieden – een vergunning om tussen Aardenburg en Damme een nieuw kanaal te graven. De Lieve. Zo zal het water van de Schelde via de haven van Damme naar de zee kunnen weggevoerd worden. Gent zal in ruil voor zijn investering trouwens geen tolgelden moeten betalen en wordt eigenaar van de vaart en een strook van 1,20 meter aan beide oevers.

De dwingelandij en de ellende die Zwarte Margriete aanricht in Henegouwen blijven niet zonder gevolgen. De inwoners kunnen haar bloed drinken. Haar Vlaamse ambtenaren die de boel uitzuigen benoemen de Henegouwers als ‘vazallen van de vrouw van Vlaanderen’. Hun tirannie is ronduit schandalig en zorgt voor een maatschappelijke verontwaardiging die zeer ongezond is. Het uitbreken van onlusten en oorlog is slechts een kwestie van tijd. Wanneer negen ‘vazallen’ een vleeshouwer (een zekere Gerard le Rond) uit Chièvres van zijn pas gekochte os beroven, omdat dit beest naar hun zeggen bestemd is voor de gravin, en daarbij nog de man zelf vermoorden, dan blijft de reactie niet uit.

Enkele van le Ronds knechten kunnen ontkomen en brengen zijn zonen op de hoogte van de aanslag. De wraak van zijn zes zonen, ook allemaal vleeshouwers doet de burgerij samenklitten. Hun kwaadheid manifesteert zich in een soort heilig verbond om Henegouwen van Vlaanderen af te scheuren. Ze willen breken met hun kwaadaardige gravin. De leden van het verbond brengen een cirkelvormig embleem aan op hun kledij om aan te tonen dat ze lid zijn van de ‘Société des Ronds du Hainaut’. De verzetsgroep komt een eerste keer samen in het bos van Willehourt. In de stilte van de nachtelijke duisternis leggen ze allen een dure eed af om Henegouwen te bevrijden van het schandelijk juk hen opgelegd door Margareta.

De verschrikkelijke wraakacties van 1252
10 november 1252. De ‘Ronden’ voeren op Sint-Maartensavond een eerste aanslag uit te Melin. Tien vazallen die er duchtig de bloemetjes buitenzetten, worden samen met hun zes dames van lichte zeden op wrede manier aangepakt. Ze doden de mannen en verminken de vrouwen op een vreselijke manier en op zes verschillende manieren. Het afkappen van neus, bovenlip, onderlip, kin, oor en oog om vervolgens de toegetakelde meisjes in deze afgrijselijke toestand naar Ath te verjagen. Daarna volgen identieke wraakoefeningen in Arbre en in Lens en ook hier verminken ze de vrouwen in hun gelaat. Hun executies zullen zes weken lang aanhouden.

Overdag verschuilen ze zich in de bossen en tijdens de nacht jagen ze op de vazallen zoals ze dat zouden doen op everzwijnen of wolven. De Henegouwse bevolking kan hun acties natuurlijk smaken. De volgende zeven maanden zullen er in totaal 84 vazallen om het leven gebracht worden. Margareta slaat wit uit van colère als ze de toegetakelde vrouwen te zien krijgt. Ze geeft de bisschop van Luik onder zijn voeten omdat hij de Ronden een thuis geeft in Thuin. Die riposteert dat ze niets te zeggen heeft in Henegouwen omdat ze de aanstelling van Jan van Avesnes als wettige graaf van Henegouwen heeft tegengewerkt en dat de geestelijken een schuilplaats verlenen aan allen die het belang van Henegouwen nastreven.

Veel meer dan kwaad zijn zit er voor Margareta van Constantinopel niet op. Ingrijpen kan ze niet want ze heeft op dat moment al genoeg katten te geselen. Volgens de Hollanders heeft ze nagelaten om manschap af te leggen voor haar gebieden in Rijks Vlaanderen en staan die nu vrij open voor Jan van Avesnes. Maar in Duitsland denken ze daar alsnog anders over: Margareta blijft de vazal van het Roomse rijk en zal dat ook blijven. Toch zal de situatie verder ontsporen. Ondanks de verzoeningspogingen vanuit Brabant. De vijandigheid van Holland tegen Vlaanderen en hun vriendschap voor de Avesnes verdient voor Margareta een militair antwoord.

Haar oudste zoon Gwijde van Dampierre trekt onder groot gejuich met een leger van 30.000 eenheden weg van de Vlaamse kust, in de richting van het noorden. Floris van Holland zorgt ervoor dat de Vlamingen niet lang meer zullen lachen. Op 4 juli 1253 leiden de mannen van Gwijde en Jan van Dampierre de totale nederlaag tijdens de veldslag van Westkapelle op het eiland Walcheren. Volgens sommige schrijvers verliezen zo goed als alle Vlamingen het leven. Een aan de voet gekwetste Gwijde en zijn broer Jan vallen in vijandelijke handen samen met 230 edellieden en ridders. De Hollanders maken de hele Vlaamse vloot buit en keren zo zegevierend terug naar eigen land. Tot overmaat van ramp is Jan van Avesnes met de hulp van de ‘Ronden’ begonnen aan de verovering van een aantal Henegouwse sterkten.

De Dampierres zitten gevangen
Margareta zit nu natuurlijk helemaal met de handen in het haar. Ze stuurt gezanten naar Duitsland met de vraag aan de keizer of hij geen kansen ziet om haar zonen vrij te krijgen. Ze krijgt voor antwoord dat ze dan best wel eens zou mogen komen onderhandelen en zich met hem moet verzoenen en daarna haar manschap dient af te leggen. Pas dan zal de keizer kijken wat hij kan doen. In Holland geven ze ondertussen niet thuis op identieke verzoeken. Al haar hoop rust nu op de Franse koning Lodewijk IX die bezig is met zijn terugkeer vanuit Syrië. In 1254 is hij eindelijk terug. De Vlamingen hopen vurig dat ze hun gevangen prinsen zullen terugzien en dat de verloren steden zouden kunnen terugkeren in de schoot van hun land. De vijf hoofdsteden; Gent, Brugge, Ieper, Rijsel en Douai gebruiken hun autoriteit en sturen hun gezanten in de naam van Franse koning naar Holland.

Met de keuze tussen de vrijlating van Gwijde en Jan of een nieuwe oorlog. Graaf Willem lijkt te willen ingaan op hun verzuchtingen maar stuurt hen terug met een waslijst van onaanvaardbare voorwaarden. De afstand van Walcheren aan Holland en het toewijzen van Rijks Vlaanderen aan de Avesnes met daarbij de zekerheid dat Jan van Avesnes Henegouwen erfachtig in zijn bezit krijgt. Plus een financieel toemaatje van 200.000 gouden gulden. Achteraf blijkt niemand in Vlaanderen bereid om deze eisenbundel te accepteren. Het enige waar ze het in Vlaanderen over eens zijn is de wetenschap dat Robrecht van Bethune, de nu zesjarige zoon van Gwijde van Dampierre de wettelijke troonopvolger zal zijn indien zijn vader in gevangenschap zou sterven. Positief voor gravin Margareta is wel de volledige steun van de Vlaamse steden. Vlaanderen trekt nu duidelijk aan één zeel.

Met die geruststellende zekerheid vertrekt Margareta nu persoonlijk naar Frankrijk om de koning te gaan verwelkomen en natuurlijk om hem over haar problemen te vertellen. De koning toont zich erg betrokken, knikt van ja zoveel ze maar wil maar is feitelijk helemaal niet geïnteresseerd om ook maar een poot uit te steken om de Vlamingen te helpen. De koning spitst wel zijn oren bij de belofte van Margareta om Henegouwen voor de rest van zijn leven te schenken aan zijn broer Karel van Anjou indien hij er in slaagt om de Hollanders te overwinnen en haar zonen te bevrijden. Pas na zijn dood zal het land dan terugkeren in de handen van de Avesnes. En daarmee gaat Lodewijk dan wel mee akkoord. De krijgstocht gaat nog in het jaar 1254 effectief van start. Karel van Anjou leidt een machtig Frans leger naar Compiègne. Van hieruit vallen de Fransen Henegouwen binnen en veroveren ze het hele territorium van Jan van Avesnes. Ondertussen hebben de Vlamingen zich al aangesloten bij de Fransen.

Graaf Willem van Holland komt hen haastig tegemoet met zijn leger en biedt zich aan voor een veldslag. Karel van Anjou gaat er niet op in. Hij wil eerst wat structuur brengen in het bestuur van de steden en de staten van Henegouwen. Hij meent het blijkbaar ernstig om hier als een echte graaf te regeren. En als hij hiermee klaar is keert hij met zijn volk netjes terug naar Frankrijk, zonder zich ook maar een barst aan te trekken van de Hollanders. Margareta is zomaar in de zak gezet door de Fransman en mag het nu ontgelden bij haar onderdanen. Van vechten tegen de Hollanders is er dan al lang geen sprake meer.

De gravin panikeert over de veiligheid van haar zonen en maakt zo’n scene dat koning Lodewijk het niet langer kan aanhoren en dan maar zelf naar Gent komt om te onderhandelen met Willem van Holland om Gwijde en Jan vrij te krijgen. De graaf van Holland houdt voet bij stuk. Het lijkt er op dat hij rondloopt met de ambitie om Vlaanderen helemaal te vernietigen. Koning Lodewijk claimt dat hij zijn best gedaan heeft om de Vlamingen te helpen. Meer zat er niet in! Tijdens zijn verblijf komt hij plots ook af met de kosten van de voorbije Franse militaire interventie. Verschrikkelijk veel geld en veel te hooggegrepen voor de verarmde Vlamingen. Ze zijn woedend om die onterechte factuur. De Fransen hebben hun oorlog op een schandelijke manier verlaten zonder de twee gevangen prinsen te verlossen. Lodewijk heeft best wel geluk dat hij tijdig Gent achterlaat anders zou hij hier zeker met een volksoproer te maken hebben gekregen.

Boeteman en Paeldinck leggen geld op tafel
In het begin van 1256 verandert de toestand als bij wonder. Willem van Holland wordt op slag gedood tijdens een oorlog tegen Friesland. Hij laat een troonopvolger na die amper kan lopen. Dat is Floris V (°1254). Willems broer zal in afwachting van diens volwassenheid het roer overnemen in Holland. Jan van Avesnes is zo geraakt door de dood van zijn zwager dat hij nog datzelfde jaar sterft aan de ’terende ziekte’. Ik veronderstel dat dit de benaming is die de mensen van toen gebruikten voor kanker. Na de dood van twee van hun vreselijkste vijanden hopen de Vlamingen alsnog om tot vrede te komen met de noorderburen.

De Hollandse regent lijkt in elk geval meer geneigd daartoe. De hertog van Brabant brengt de partijen samen in Brussel. De Vlaamse prinsen Gwijde en Jan van Dampierre en nog andere edellieden en ridders kunnen nu vrijgekocht worden. De grote steden moeten daarvoor elk 8.000 gouden guldens op tafel leggen. In Ieper komt het grootste deel daarvan van de twee machtige families van Boeteman en Paeldinck. Als vergelding en erkentenis schenkt de gravin hen al de rechten van een vrije vismarkt, een commissie van twee vissen op elke korf en nog andere privileges. Naast die financiële compensatie blijkt er nog een andere cruciale voorwaarde verbonden aan de vrijlating. Gwijde van Dampierre heeft in 1256 een tweejarig dochtertje Beatrix van Vlaanderen en zij zal op termijn moeten trouwen met de toekomstige graaf Floris V.

Een huwelijk dat pas zal doorgaan in 1269 maar waar nu al de krijtlijnen van uitgetekend worden: als huwelijksgift zal Gwijde de Zeeuwse eilanden schenken aan zijn dochter. Voortaan zullen Floris en hun kinderen erfachtig vazal worden van deze eilanden en zullen ze hiervoor manschap afleggen aan de graaf van Vlaanderen. Er komt tevens een vrijheid van tol in Holland en Zeeland ten gunste van de Vlaamse kooplieden. Op 20 augustus van 1256 sluiten de prominenten van Vlaanderen en Holland dit verbond af. De Vlamingen mogen daarbij een kruis maken over Zeeuws-Vlaanderen! De koning van Frankrijk gaat akkoord met de deal en regelt het dat Margareta ook Henegouwen terug in haar bezit krijgt. De gravin moet enkel maar Karel van Anjou vergoeden voor zijn prestaties. Een som geld die zorgt voor grote misnoegdheid bij de Vlamingen.

De dood van gravin Margareta
De volgende jaren gaan rimpelloos voorbij met een gravin die wat tot rust gekomen is en nu weer tot besturen komt. Ze voert de laatste wilsbeschikking van haar zuster Johanna uit en sticht een aantal nieuwe vrouwenkloosters, te veel om op te noemen. De grote steden voeren grote infrastructuurwerken uit. In 1275 moet Margareta wel even ingrijpen in Gent. De inwoners klagen steen en been over hun wethouders, de ‘negenendertig’ behandelen de Gentenaars op een hautaine manier, alsof ze lucht zijn. De gravin maakt een einde aan hun macht en verandert de politieke constellatie: voortaan zullen er dertien schepenen, dertien raadsheren en vier schatbewaarders zijn die jaarlijks hun rekeningen moeten voorleggen aan haar en die op 29 augustus van elk jaar moeten vervangen worden in haar bijzijn of die van een commissaris.

Ook in Ieper veranderen de instellingen. Hier komen er drie verschillende vierscharen, respectievelijk onder het bewind van de baljuw, de poortbaljuw en de schout. De succesvolle Ieperse lakennijverheid krijgt nieuwe verordeningen zodat die verder kan groeien. Margareta legt de daglonen van de wevers, volders en scheerders vast en geeft Ieper een exclusiviteit tot ver buiten zijn grenzen. Ook Gent barst uit zijn voegen. In 1278 kopen de wethouders al het land tussen Sint-Baafs en de nieuwe brug tussen de Schelde en de Lieve.

1278. Gravin Margareta heeft ondertussen de respectabele leeftijd van 76 jaar bereikt . Omdat ze van tijd tot tijd onpasselijk wordt denkt ze dat haar dood niet meer veraf is. Op 11 september 1278 doet ze tijdens een algemene staatsvergadering te Damme, in het bijzijn van de geestelijke en wereldlijke autoriteiten afstand van haar functie en stelt ze haar zoon Gwijde in het bezit van het graafschap van Vlaanderen. Zelf is ze tevreden met een jaargeld van 8.000 pond. De nieuwe graaf is ondertussen al 52 jaar en geen groentje meer. Zwarte Margriete zal sterven op 10 februari van het jaar 1279. Haar lichaam belandt in het klooster van Flines naast dat van haar man en haar zoon, de twee Willem van Dampierres. Vlaanderen en Henegouwen die nu al 84 jaar verenigd waren scheiden zich van elkaar af. Haar kleinzoon Jan II van Avesnes neemt het bestuur op in Henegouwen en Gwijde van Dampierre doet dat zoals gezegd in Vlaanderen.

Uit deel 9 van ‘De Kronieken van de Westhoek’ – Het oud verhaal van Vlaanderen

Article Categories:
terug naar het verleden
banner
http://www.dekroniekenvandewesthoek.be

Vlaamse geschiedenis zoals je die nog nooit beleefd hebt!

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *