… Het bekendste proces is dat van ‘Jeanne Panne’, geboren Johanna of Jeanne Dedeystere. Geboren […]
Groot feest in Zillebeke Anno 1927, op de 10de van de januarimaand vond een eenvoudig […]
Gij meent, beste lezers, dat ik van vreemde landen ga spreken, van den Congo of […]
t Eeste damme metn zeggn es dat Werviks mae juste gesproukn es in Wervik, en […]
Bedenkingen over ‘blauw’ Wij moderne mensen kennen allemaal het woordje ‘blues’ – en in Haringe […]
Hê fikkelt. – Hy bederft; hy snydt kwalyk.
Hê foefelt. – Hy doet verkeerdelyk.
Hê gonk deure. – Hy ging weg;
Hê gynk up de leere. – Hy klom op de ladder. –
Een pulle dikke soepe en een seule errepels
En een more kaffie waeren Boerinnes spel
Het volksonderwijs, door Karel de Grote ingericht, was reeds in de 9de eeuw in de handen van de kerk overgegaan, terwijl het door de burgerlijke overheid veronachtzaamd werd. Zo staat de oudste Roeselaarse volksschool, die voor de eerste maal in 1152 wordt vermeld, onder het oppertoezicht van de abt van Zonnebeke.
Toen, 40 à 50 jaar geleden (in de jaren 30-40), een blijde gebeurtenis zich aankondigde stak de toekomstige moeder al vroeg haar licht op bij een plaatselijke vroedvrouw. Het werd als een natuurlijke gebeurtenis beschouwd en normaal verwachtte men een natuurlijke afloop.
De eerste sporen van ons volksonderwijs zijn te vinden omstreeks het midden der zeventiende eeuw. Er berust in het Rijksarchief te Brugge een losse kerkrekening uit het jaar 1660, het jaar dat tussen Spanje en Frankrijk de vrede gesloten werd. In die rekening is de naam opgegeven van Joost Belettere Coster-scolemeester, hij was te Beselare geboren in 1641. De Belettere’s waren in die tijd een gezaghebbende familie, die op ons dorp een voorname rol speelden, te oordelen naar de ambten die zij bekleedden : baljuw, burgemeester, schepenen, leenmannen, enz.
Na een flinke misrekening in 1383, nemen de Nieuwpoortnaars hun voorzorgen. Tijdens de jaren 1400 bouwen ze geduldig verder aan stevige muren rond hun stad. Dat blijkt geen overbodige luxe als de opstand uitbreekt in Vlaanderen en Nieuwpoort door de Fransen en de Bruggelingen in de tang wordt genomen.
Handgeschreven oorlogsherinneringen van meester Flip Maurice Dehem heeft nog verteld dat hij als een jongen […]
Met al die willekeur en die afpersmentaliteit is het niet moeilijk dat de moraliteit terugloopt in Ieper. De ‘God ziet u’ bordjes bestaan nog niet en de priesters hebben wel andere interesses dan de geestelijke integriteit van hun onderdanen. Er is amper sprake van nieuwe acquisities tijdens het bewind van abt Pierre. Het zijn blijkbaar moeilijke tijden voor het klooster. De Rubrum registers maken melding van een aankoop in januari 1247. Walter, de abt van Grimbergen, verkoopt aan de Ieperse proosdij alle eigendommen die zijn abdij bezit binnen de stadsmuren van Ieper. Het betreft opbrengsten van meer dan 9 pond afkomstig van verscheidene huizen in de stad en blijkbaar ook deels op de lakenhalle.
‘De klas werd verwarmd met een hoge kolenkachel met een lange buis in de schoorsteen.’ ‘Ze moesten per twee in de bank zitten omdat ze de ‘inktepot’ moesten delen Maar ze moesten veel een leie en een griffel gebruiken.’ Zo was het bij Roger in Klerken. “We waren heel fier als wij een mooi sponsdoosje hadden om onze lei te reinigen”.