‘Het Nederland was in 1567 vol verwarring, vol droefheid en ellende. Zelfs de katholieken zagen […]
We leven in 1583. Het nieuw regime van Willem van Oranje blijkt een misbaksel vanjewelste. […]
1740. Daags voor Driekoningendag begint het hier wel erg sterk te vriezen. Felle koude en […]
Zomer 1315. Het duurt verdorie acht maanden vooraleer Lodewijk zijn kroon op het hoofd geplaatst krijgt. Dat heeft te maken met de bedenkelijke financiële situatie in Frankrijk.
Dinsdag 9 augustus 1583. Tot 16u blijft het verdacht stil. Dan staan de Walen plots met paardenvolk en voetvolk aan onze paardenmarkt. Er volgen hevige gevechten met enkele doden en gewonden. Rond 21u vallen de katholieken het bolwerk aan de buitenzijde van de Diksmuidepoort aan. Dat bastion wordt zo goed en zo kwaad mogelijk verdedigd door een mix van burgers en soldaten
31 juli 1579. De laatste levensdag van Mathieu Hoves, een 18-jarige jongeling uit het vendel van de kolonel en de hoogbaljuw. De jongen is afkomstig van Wulveringem.
18 april 1579. Al bijna drie weken niet meer geschreven in mijn dagboek. Privé had ik wel wat verwikkelingen te verwerken maar dat gaat jullie geen barst aan. Dat is iets tussen Lizelot en mijzelf.
Volgens wij in ons vorig nummer aangekondigd hadden, geven wij u heden de foto van de prachtig herbouwde kerk van Moorslede. Ze werd heropgebouwd door de heer Verbeure van Sint-Andries, onder leiding van de alom gekende bouwmeester De Pauw van Brugge.
Op 12 maart 1579 arriveren er in Elverdinge honderd Waalse ruiters. Ze blijven er vier dagen en de inwoners moeten zorgen voor hun soldij. Twee schellingen per man en per dag en daarna vertrekken ze terug naar Roeselare van waar ze gekomen zijn.
In 1488 is het voor de keizer van Duitsland welletjes geweest daar in Vlaanderen. De gevangenname van zijn zoon kan voor Frederik niet door de beugel. Hij zakt af naar de Nederlanden in het gezelschap van een groot leger met een resem keurvorsten op kop.
Met al die willekeur en die afpersmentaliteit is het niet moeilijk dat de moraliteit terugloopt in Ieper. De ‘God ziet u’ bordjes bestaan nog niet en de priesters hebben wel andere interesses dan de geestelijke integriteit van hun onderdanen. Er is amper sprake van nieuwe acquisities tijdens het bewind van abt Pierre. Het zijn blijkbaar moeilijke tijden voor het klooster. De Rubrum registers maken melding van een aankoop in januari 1247. Walter, de abt van Grimbergen, verkoopt aan de Ieperse proosdij alle eigendommen die zijn abdij bezit binnen de stadsmuren van Ieper. Het betreft opbrengsten van meer dan 9 pond afkomstig van verscheidene huizen in de stad en blijkbaar ook deels op de lakenhalle.
Kijk eens naar Ieper op vandaag. Waar is het water nu? Aan de noordoostkant zien we het kanaal en de Ieperlee, aan de zuidwestkant de ‘Verdronken Weiden’. De komst van het water in 260-270 was een (afgezwakte) herhaling van wat er zich al had afgespeeld 1000 à 1500 jaar voordien. Het water 5 à 10 meter hoger. Beeld u dat eens in? Alleen de heuvel, de prairie van Ieper, bleef gespaard van het rijzende water. En er waren twee havengemeenschappen. Briel (Breuil) en de omgeving van het Zaelhof en de Zuudstrate (de latere Rijselstraat), niet toevallig nog steeds met elkaar verbonden met de ondergrondse Ieperlee. Zeker al in 270, kijk maar naar de ‘ille’ namen waar we het al uitgebreid over hebben gehad. Hier leefden beslist al mensen 1000 jaar voor het begin van onze nieuwe tijdsrekening.