De vermelding ‘Druk Almar Wervik’ en een stempel van de stedelijke oudheidkundige commissie bevolken de […]
Boudewijn II de Kale (881). Boudewijn II volgt zijn vader op in het erfelijk graafschap […]
Koning Karel wil Boudewijn een lesje leren en trekt met een Frans leger op naar […]
De straffeloosheid in die jaren 1794-1795 is schrikwekkend. De Fransen trekken een ferme streep door […]
De wapenstilstand die op 5 februari 1555 afgesloten werd met de Fransen houdt stand tot […]
Om één of andere reden komt het tot een conflict tussen een vrije ridder en […]
De bal gaat aan het rollen in 1475. Karel de Stoute en de Franse koning […]
9 juni 1382. Op één maand tijd hebben de Gentenaars onwaarschijnlijke zaken verricht. 200.000 Vlamingen […]
Anno 1914, op de 1ste augustus, zaterdag. Om 4u30 ’s morgens werd er gebeld. Het […]
In onze Westhoek krijgt onze jeugd de oorlog met de paplepel ingegeven. De kinderen kennen […]
9 juni 1382. Op één maand tijd hebben de Gentenaars onwaarschijnlijke zaken verricht. 200.000 Vlamingen […]
Juli 1492. Heel het land van Vlaanderen is werkelijk groggy en verlangt vrede. Dat is Albrecht van Saksen natuurlijk niet ontgaan. Als Brugge, Ieper en het Vrije bereid zijn om 80.000 guldens ter beschikking te stellen voor de soldij van zijn troepen dan zal hij hen zo snel mogelijk laten vertrekken.
13 februari 1471. Karel de Stoute verschijnt met dat groot leger op een uitgestrekte vlakte die hij omdoopt tot ‘het veld van eer’, nu al in volle overtuiging dat hij de Fransen hier zal verslaan. Van bescheidenheid of twijfel heeft onze hertog in elk geval geen last.
2 januari 1915, zaterdag. – Nog al veel geschut in de nacht. Bommen voort rond de vijver en rond de Krommen Elst. Daar wordt de bakkerij ingeslagen en andere huizen zeer beschadigd. Het Duitse kanon is vandaag zeer geweldig.
September 1475. Met de winter voor de deur vertrekt Karel met zijn leger naar Luxemburg dat nog altijd deels door de Zwitsers en die van Lorreinen bezet is.
‘In het jaar 1601 woonde op de parochie Koekelare aan de kant van Eernegem een landsman die geboren werd aan de Leie in Ariën waar hij al zijn eigendommen kwijtgespeeld was. Hier leefde hij armoedig. Twee melkkoeien en hele dagen hard werken volstonden maar net om zijn vrouw en kinderen te kunnen onderhouden.
De namen van Jan Breydel en Pieter de Coninck zullen voor eeuwig met de naam verbonden blijven. Over de held van de Groeningekouter gaat het hier evenwel niet. Brugge heeft één, twee …drie Jan Breydels gekend.
De soldaat neme bij zijn vertrek met zich weinig geld en een kleine hoeveelheid kleren. Hij voorziet zich van een goed hang- of maalslot, gorde zich met het scapulier van Onze Lieve Vrouw, neme op zich een klein gebedenboek en een paternoster.
1382 en 1383 zijn geen boerenjaren geweest voor de Westhoek. Dat is wel het minste wat ik kan zeggen. Ik heb intens meegeleefd met het beleg van Ieper tijdens de zomer van 1383 en was erbij toen Filips van Artevelde, de leider van de Vlamingen, de confrontatie aanging met het Franse leger ergens in de mistige en modderige velden van Westrozebeke.
Op den 9en julius, ’s nuchtens met het opendoen van der poorte zoo kwam de mare dat Langemarck en ook geheel de plaetse mette kerke en het schoon huys van Francoys Van Houtte al afgebrand was, en dat door ’t volk van den legere, die op den viij van julius aldaer gekomen was en niemand daer vindende dan in de kerke eenige arme menschen, hebben in diversche huysen ’t vier gesteken, ja datter niet met alle, noch halle, noch huys, noch kerke gebleven was, zoo dat de arme menschen byna zouden verbrand zijn met hunne kinderen in de kerke.
’t Was waar: de gendarmes stonden daar. Ze brachten de vluchtelingen onder in 2 zalen. Wij lagen in de eerste zaal. Daar brandde een grote stoof. We sliepen in rijen in ’t stro. We moesten gaan eten in ’t hospice. Drie keer per dag: ’s morgens een kom frutsop en een snee droog brood, ’s noens een kom soep – ze stonk; ’t was lijk van de schoteldoek gekookt -, ’s avonds weer een snee brood en frutsop.
Het duel speelt zich af ter hoogte van de brug over de Leie in Komen. De Vlamingen zijn in groten getale toegestroomd en houden de doorgang bezet. Een deel van de constructie wordt zelfs afgebroken en deels met mest gecamoufleerd waarop ze zich zelf verdekt opstellen en de komst van de bende van de Haese afwachten. Het wachten duurt niet lang. Ik schakel even over op de rechtstreekse commentaar van de jaarboeken voor me: ‘wanneer de ridders met gevelde lancien op hun aanvielen, zo dat zij de doortocht vrij ziende, op de brugge reden. Het gelukte aan omtrent dertig andere van daar over te geraken, maar de brugge dan brekende, onder de volgende, is er een deel van deze zwaar bewapende ruiters in de riviere gevallen en verdronken.’