Bij de boeren Heel de zondagvoormiddag was één verlangen. Na de vespers immers trokken we […]
In het geval van een nieuwe vrijage werd bij een eerste ontmoeting het meisje gewikt, […]
Dinsdag laatst na de middag is er te Langemark een stoute diefte gepleegd. De weduwe […]
Keukenremedies uit grootmoeders tijd en later De geneesheer konden ze, in die tijd, maar moeilijk […]
Boerinne, ‘k’n kan niet meer. De boerin hoort diepe, lastige snikken en ziet Fluppe voort trakelen, de poort uit. Ze weet niet waar het haar houdt en ze schreeuwt lijk een kind. ’s Anderendaags komt Fluppe niet terug en de boer gaat naar ’t woonstje
’t Is te fète honderd jaar geleên. Petrus Maes, mijn grootvader langs moederszijde, woonde op een klein doeningske, op een boogschote van Westvleterenkerke, in ’t midden van de broeken. Rondom in ’t water lijk op een eiland binst de winter en in de zomer in een zee van groenigheid, zoverre als jen ogen dragen.
Een pulle dikke soepe en een seule errepels
En een more kaffie waeren Boerinnes spel
Petrus Vraeghe, Pier Paelinck in de wandelinge, was de jongste uit een bende van acht. Broers en zusters waren allemaal uitgetrouwd en voor hun eigen.
Een rijke boerin komt bij een kunstschilder en drukt het verlangen uit dat deze het portret zou schilderen van haar echtgenoot.
In de gemeente Alveringem werd een man die iets kon in de kamer van een vrouw, die door de mare bereden werd, binnengeroepen. Hij nam een handvol droog zand, sprak enige woorden en wierp het zand in de lucht en overal in het rond onder de tafel, de stoelen, de kasten, in ieder hoekje.
Sedert enige tijd bevindt zich hier op de parochie een kerel die een gevaarlijk spelletje speelt. Die man is gekend onder de naam van ‘de witte haan’ en schept behagen in alles af te luisteren en over te dragen.
Dank zij Julietje was de overval mislukt. Het enige noodlottig gevolg was dat Gabriëlle Veys-Goethals, die een tweede kindje verwachtte, door deze gebeurtenissen een miskraam had. Julie Capelle (°Staden 13-05-1859 +Westrozebeke 05-03-1952) werd te Vlamertinge “Julietje van Feysens” genoemd omdat ze gedurende 75 jaar te Vlamertinge in dienst geweest is bij de familie Veys, waar ze bij drie generaties vergroeid en vastgeworteld was.