De heerlijkheid van Watou

Posted by  ivan.vanherpe@westhoek.net   in       3 weeks ago     173 Views     Leave your thoughts  

wat voorafging….

Wie of welke was de eerste heer of heerlijkheid; wie waren de oorspronkelijke eigenaars van de onderscheiden heerlijkheden van Watou en van welke jaren dagtekenen ze? Er bestaat niets dat op één dag tot wezenlijkheid gekomen is. De oorsprong van menige heerlijkheden is waarschijnlijk een landgebruik welke aan de bezitter ervan weelde, macht en gezag heeft verschaft om zich boven anderen te verheffen en anderen aan zich dienstbaar te stellen.

We treffen inderdaad heren en vrouwen van Watou aan die we aan geen betiteld landschap kunnen verbinden. Onder andere Franciscus Bassée, heer van Watou, geboren te Atrecht, waarvan de familie door Philippe IV op 12 november 1650 erkend werd als edele, met de vermelding dat de voorouders nooit geen gemene stielen uitgevoerd hebben welke afwijken van de edeldom.

Er waren zes heerlijkheden in Watou. Onder de regering van Oostenrijk is er een zevende bijgekomen. Ze waren afhankelijk van andere heerlijkheden. De heerlijkheid van Watou is het graafschap geworden van het leenhof van Cassel. Cortewyle was samengesteld uit de heerlijkheden van Poolvoorde en de Visscherie, van Dampierre in Steenwerk. Noorthouck dependeerde van de baronnie van Lillers. Douvie van St.-Simoen in Armentières. Beauvoorde van het graafschap van Houtkerke. Merchem werd niet bepaald.

Het stadhuis van Cassel is afgebrand op 30 september 1631; we hebben daar enkel de handschriften van rond dat jaar kunnen vinden. De oorkonden van Dampierre, Lillers en St.-Simoen hebben wij niet kunnen ontdekken. We moeten ons beperken tot de stukken die we in het staatsarchief van Brugge en elders hebben kunnen terugvinden.

In het hoofdstuk van de algemene geschiedenis vermeldden wij de heren van Watou die met hun manschappen aan de slag bij Cassel in 1328 hebben deelgenomen. Dat waren Philippe de la Douve, de Rely en de burggraaf van Diksmuide, heer van Watou. De stam de la Douve is wel zeker de eerst bezitter van de heerlijkheid de Douvie.

De stam de Rely ontwaren we onvolmaakt, te beginnen van Isabeau, om zich te versmelten met die van de la Viefville, vanwaar Eustache d la Viefville, heer van Watou is gekomen. We kunnen de naam de Rely met geen heerlijkheid vereenzelvigen. We kunnen alleen melden dat Rely bij Ariën een heerlijkheid uitmaakte die afhing van het graafschap van Bologne, gelegen in Artois.

Heerlijkheid van Watou. Thierry de Bevere, burggraaf van Diksmuide beschouwen we als de eerste heer en bezitter van de heerlijkheid van Watou. Hij was gemachtigd door Johanna van Bretagne, de 6de september 1333, een leen, gelegen te Watou, te verlaven tegen een rente van 100 pond om er schenking van te doen aan zijn dochter, de vrouw van de heer van Poucques.

Filips II, koning van Spanje, gaf in 1558 de toelating aan Marie de Sacquespée, vrouw van Diksmuide, om een deel van haar leen van Watou voor negen gemeten om te wieelen met drie kleine gemeten van Jan de Cortewyle. De aartshertogen Albrecht en Isabella autoriseerden op de 23ste augustus 1608 Magdalaine Despense, weduwe van Adolphe de Beauvain, ridder, baron van Bantzel-Merigny, raadsheer van de hertog van Lorrainen, te verkopen aan Charles van Yedeghem, de heerlijkheid van Watou, toebehorende aan Marie de Sacquespée, vrouw van Watou, om haar schulden te bepalen. J. Gaillard geeft een uitgebreide stambeschrijving van de familie van Diksmuide. Hier alvast volgend fragment:

‘Cette famille porte: fascé d’or et d’azur de 8 pièces. Thierry, sire de Beveren et de Dixmude, épouse Ade, fille de Baudouin, dit le Gras, comte d’Alost, de laquelle il eut:

Thierry, sire de Beveren et de Dixmude, fit en 1191 la guerre au comte de Flandre pour la terre d’Alost, épousa Ade de Coucy, qui lui donna pour héritier; Thierry, vicomte de Dixmude, sire de Beveren, souverain-bailli de Flandre, se maria à Béatrice de Tricht; dont Thierry, vicomte de Dixmude, sire de Beveren et de Mezières, s’allia en premières noces è Béatrice de Wallers; en secondes noces à Marguerite de Brienne. Après la mort de son mari devint religieuse à Flines. Du premier mariage naquit entre autres: Gérard de Beveren, chatelain de Dixmude, se maria à …. ,dame héritière de Han, dont deux enfants: Thierry, qui suit et Arnoud van Dixmude.’

Het volgende is aangegeven door de wet van Watou: ‘Thierry, chatelain et seigneur de Dixmude, de Gavres eut à femme Alexandrine Dollehain, dame de Watou, eurent, Henri de Bevres, chatelain et seigneur de Dixmude, de Gavre, Watou, Huysse, etc.. Conseiller et chambellan de Louis de Malle, comte de Flandre et de Philippe le Hardy, duc de Bourgogne en 1340 et 1369. Il mouriut en 1391.

Thierry, chatelain et seigneur de Dixmude, Watou, Blaringhem, gouverneur du pays et duché de Luxembourg en 1393, fils du susdit Henry. Enguerrand, seigneur de Dixmude, Watou, Baron de Bavelinghem, fils de Thierry, mourit sans enfants. Henri de Bevres, seigneur de Dixmude, de Watou et après son frère Enguerand mourut aussy à marier. Philippe, seigneur de Dixmude, Watou, Staple, Bavinchove, baron de Bavelinghem, après sons frère décéda sans enfants.

Jeanne de Bevres devient après sons frère, dame de Dixmude, Watou, Staple, Bavinchove, baronne de Bavelinghem, épouse en premières noces de Darnoul de Beerst, chevalier, seigneur de la cour de Beerst et de Vlaexcsloo, en secondes noces de Daniël Allaerts, chevalier, seigneur de Capricke, Genets, président au conseil de Flandre.

Marguerite de le Beerst, dame de Dixmude, Watou et fille D’arnault et de Jeanne, dame de Dixmude susdite, épouse en 1429 Jean Allart, dict Percheval, seigneur de Capricke, fils de Daniël et de sa première femme, mourut le 13 mars de 1459, lui en l’an 1451.

Roland Alart, seigneur de Dixmude, Watou et fils desdits Jean et Marguerite, décéda sans enfants. Jacques de Bevres, seigneur de Jumelles et par le mort de Roland Allart, son cousin, seigneur de Dixmude, Watou, etc, fils de Jean de Bevres, seigneur de Gavre, Mauchaud et Many en France, frère puîné de Thierry susdit, tous deux files d’Henry, chatelain et seigneur de Dixmude, mourut aussi sans hoires en 1470.

Marie de Bevres, dame de Dixmude, Watou, Jumelles, seur audit Jacques, épouse de Regnault d’Haveskercke, seigneur de Bailleul, Val et de Couchie. Archembaut d’Haveskercke, chevalier de Dixmude, Watou, Jumelles et fils desdit Regnaut et de Jeanne de Bevres, mourut le 29 mey de 1507, gist à Dixmude au milieu du choeur de l’église paroissiale.

Antoinette d’Haveskercke, soeur et héritière d’Archembaut susdit, épouse de Jean de Sacquespée, seigneur de Baudemont. Antoine de Sacquespée, seigneur de Dixmude, Baudemont, Watou et fils ainée de Jean susdit mourut sans hoirs.

Guillaume de Sacquespée, seigneur de Dixmude, Watou et frère d’Antoine, décéda en 1549, gist à Dixmude. Il eut; 1) Antoine de Sacquespée, chevalier, seigneur de Dixmude, Watou, Baudemont, capitaine de Dunkerque et fils de Guillaume, décéda le 11 novembre 1568, gist à Dixmude. 2) Philippe de Sacquespée, seigneur de Baudemont, mort sans hoirs.

Marie de Sacquespée, dame de Dixmude, Watou, Baudemont et par le mort de son frère, épousa 1) Jean de Joigny, chevalier, baron de Pamele et 2) Jean de Trazegnies, seigneur de Merlemont, gouverneur d’Ath, mourut le 19 septembre 1607, sans enfants.

wordt later vervolgd …

No Comments

No comments yet. You should be kind and add one!

Leave a Reply

You can use these tags:   <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>