banner
apr 5, 2019
1529 Views

Een lawaai van al de duivels

Written by

Een andere sportclub eiste haar plaatsje onder de Veurnse zon. op, nl. de voetbalvereniging ‘Sporkijn-club’. Opgericht op 8 maart 1913 greep, amper een maand later, een eerste match plaats tegen ‘Nova-Sparta’ uit Nieuwpoort.

banner

Een andere sportclub eiste haar plaatsje onder de Veurnse zon. op, nl. de voetbalvereniging ‘Sporkijn-club’. Opgericht op 8 maart 1913 greep, amper een maand later, een eerste match plaats tegen ‘Nova-Sparta’ uit Nieuwpoort. Het plein lag aan de Voorstad in een weide van de weduwe Zoete, te bereiken vanaf de lepersesteenweg langs een smal wegeltje afgehoord met ‘stekkerdraad’. De uitslag bleef ons onbekend, maar speelt geen rol, de kogel was door de kerk. Waar de jeugd zich voorheen moest behelpen met potstampen op straat, kon ze thans haar hartje ophalen op een echt voetbalveld, een hele verbetering.

Waaghalzen zijn er altijd geweest, kerels die vaar noch vrees kenden en die uit louter genoegen hun vel riskeerden. Zo’n personage bezat Veurne in die jaren met de jonge Gusten Desaever. Hij liep het eerst over de tong wanneer hij, als eerste Veurnaar met een moto, ‘motocyclette’ zei men, rondtoerde. De ouderen spraken er schande over en vroegen zich af welke genoegens te vinden waren om met zo’n moordenaarstuig, dat een lawaai van alle duivels maakte, over de kasseistenen te daveren, genoeg om de darmen uit je lijf te schokken. Maar de bom barstte wanneer werd aangekondigd dat Saevere met zijn moto in de velodroom zou optreden. Dagen te voren, wat zeg ik, weken te voren waren alle plaatsen besproken. Niet alleen de Veurnaars, maar ook de mensen uit de aanpalende gemeenten wilden deze acrobatie, die naar doodsgevaar rook, niet missen. En ze kregen waar voor hun geld. Gusten gaf een demonstratie ten beste gedurende twee volle uren, waarover jaren later nog werd gesproken. Iedereen stond in bewondering voor de durf en de kunde van de latere ‘entrepreneur’.

Hij was ook de eerste Veurnaar die als medepassagier bij een vliegdemonstratie de lucht inging. Het gebeurde tijdens de kermisweek van het jaar elf. De beroemde vlieger Den Duyver zou dagelijks verscheidene malen opstijgen van een terrein te zijner beschikking gesteld door Victor Feys en vluchten uitvoeren boven de stad. Lees hoe een verslaggever van ‘het Veurnsche Volk’ die vliegweek beschreef:

‘Zaterdag morgend om 6 1 /4 u, hoorde men in de verte Dixmudewaarts, een geronk als van eenen op komenden automobiel. Naarmate de tijd verliep werd het gerucht grooter en aan den gezichteinder vertoonde zich een zwart punt. Lang diende er niet gewacht te worden : na eenige seconden herkende men dat het gevaarte een vliegmachien was. Toen A. Den Duyver, want het was hij die in de vroegen morgen van Zarren weggevlogen was, bij het plein kwam was hij wel 400 m. hoog. In statige, gestrekte vlucht daalde hij neder en werd door eene groote, bijeengeloopen menigte met geestdrift begroet. Zaterdag avond reeds deed hij eene prachtige vlucht boven stad. De andere dagen waren zijn vluchten niet van geringer waarde, sommige dagen deed hij vijf tot zes opstijgingen. Woensdag deed hij eene vlucht met A. Desaever als passagier die wonder wel van stapel liep. Velen hebben dit schouwspel dichtbij willen bewonderen en het plein was Zondag te klein’.

Daarmee hadden de Veurnaars de eerste symptonen van de verovering van het luchtruim meegemaakt, waarop zij nu met pen mond van verbazing opzagen, maar waarvoor zij enkele en later uit schrik als mollen in de grond zouden kruipen. Voor Gusten Desaever bleef het niet bij dit eerste experiment. Zelf niet kapitaalkrachtig genoeg om zich een eigen ‘monoplane’ aan te schaffen werd hij door een groep sportmannen, bij middel van een oproep langs de pers, geholpen voor het bijeenbrengen van de nodige aankoopsom. Reeds op het einde van hetzelfde jaar, bij prachtig winterweer, waagde hij zich aan zijn eerste solovlucht en het was de weduwe Zoete, eigenares van uitgestrekte weiden en landbouwgronden die een stuk akker ter beschikking stelde van de jonge durver.

Het gebeurde ook wel eens dat een luchtballon over de streek dreef, door onze mensen nagewezen tot hij aan de einder verdween. Op 2 augustus 1908 konden zij de voorbereidselen voor het oplaten van een ballon op de Marktplaats met eigen ogen volgen. In het kader van de kermisfeesten had het stadsbestuur ballonvaarder Dumortier uit Brussel tot deze demonstratie uitgenodigd. Met veel tamtam werd tevens aangekondigd dat een dame, gezeten op een aan de mand vastgehechte fiets mee de lucht zou ingaan. Barnumreklame als lokaas voor de toegestroomde menigte of de wind die de luchtreizigers parten speelde? In elk geval werd het laatste argument aangehaald om de dame aan de grond te houden, tot grote ontgoocheling van de kijklustigen.

Op 27 april 1913 trok de motorkoers Oostende-Brugge-Kortrijk-Oostende door de stad. Toevallige toeschouwers van het gebeuren drukten zich angstvallig tegen de huisgevels aan en stopten zich de oren met de handen bij zo’n hels lawaai. Anderen sloegen van achter hun gordijntjes met grote schrikogen dit ongewone schouwspel gade. Na de doortocht kwamen de tongen los: ‘Een schande was het dergelijk moordenaarsbedrijf toe te laten’ zeiden de ouderen. Maar de jongeren uitten hun enthousiasme met luidkeels de lof van de zwarte duivels te bezingen.

De atletieksport stond bij ons nog in de kinderschoenen en was er omzeggens nog nihil. Soms organiseerde wel een of andere herbergier ter gelegenheid van een wijkkermis een loopwedstrijd met de bedoeling wat volk te trekken, maar dit had met atletiek weinig te maken. Op 6 november 1908 legden de cafébazinnen Cambier en Mahieu een som ’thope’ voor het betwisten van een loopkoers voor kinderen onder de 15 jaar. Er diende een ‘klute’, 10 centiemen, als inschrijvingsgeld betaald te worden. De volledige omloop langsheen de Vesten diende afgelegd. De winnaar streek twee frank op, terwijl de volgenden respectievelijk met 1,50 fr, 1 fr., 75 en 25 centiemen vrede moesten nemen. De rest was haar geld kwijt, maar kon zich troosten met de olympische slogan: ‘deelnemen is belangrijker dan winnen’. De proef werd niet meer herhaald, waaruit we concluderen dat het beoogde verteer langs de matige kant moet zijn uitgevallen en dat de inrichting niet genoeg rendeerde.

Uit Veurne rond 14-18 van Albert Dawyndt (1980)

Article Categories:
Veurne 100 jaar geleden
banner
http://www.dekroniekenvandewesthoek.be

Vlaamse geschiedenis zoals je die nog nooit beleefd hebt!

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *