banner
mei 23, 2019
1783 Views

Een roemloze aftocht in de modder

Written by

Begin mei 1347. De koning van Frankrijk heeft dan toch een nieuw leger op de been gekregen. En wat voor een! In en rond Atrecht zien ze de aankomst van 35.000 ruiters en 100.000 voetknechten onder de leiding van Jan van Normandië, de zoon van Filips van Valois

banner

Vlaanderen is al te vaak bedrogen

Begin mei 1347. De koning van Frankrijk heeft dan toch een nieuw leger op de been gekregen. En wat voor een! In en rond Atrecht zien ze de aankomst van 35.000 ruiters en 100.000 voetknechten onder de leiding van Jan van Normandië, de zoon van Filips van Valois. Het is duidelijk te merken dat Filips van Valois ervoor beducht is dat de Vlamingen ruggensteun zouden gaan geven aan de Engelsen bij hun strijd voor Calais. Omdat hij zich feitelijk zou moeten concentreren op Calais probeert hij nog een laatste poging om de Vlamingen te onderwerpen of toch tenminste te laten terugkeren tot een neutrale politiek t.o.v. Engeland en Frankrijk.

Hij stuurt zijn gezanten met niet te weigeren voorstellen. Zo stelt hij voor het doek te werpen over de Vlaamse schending van de verdragen met Frankrijk. De bewoners kunnen de volgende 6 jaar hun graan kopen aan 4 stuivers per korenmaat in plaats van 12 stuivers. Samen met de volle beschikbaarheid van Franse wol aan Engelse condities en het openzetten van de Franse markt voor de Vlaamse lakens. En als klap op de vuurpijl de belofte dat de Vlamingen de steden en kasselrijen van Rijsel, Douai en Bethune zullen terugkrijgen met nog extra geldsommen er bovenop. Die van Vlaanderen geloven geen barst van al die beloften.

Daarvoor werden ze al te vaak bedrogen door deze praatjesmaker Filips van Valois. De afgevaardigden van de steden antwoorden dat niets ter wereld hen ertoe kan dwingen om hun beloften met Edward III te breken. De Vlaamse weigering doet de oorlog nu helemaal losbarsten. Een geprikkelde Valois geeft nu opdracht aan zijn ruiters om Aleux, Hazebrouk en anderen steden aan weerskanten van de Leie in brand te gaan steken. Een signaal dat de Vlamingen nu massaal in de wapens jaagt. De gemeenten roepen iedereen op tot de strijd om het eigen grondgebied te beschermen.

De burgers van Brugge spoeden zich naar Sint-Winoksbergen en Broekburg. De gemeentetroepen van Gent haast zich naar Cassel onder de leiding van hun ruwaard Zeger van Kortrijk. Daar werpen ze in zeven haasten nieuwe verschansingen op, voorzien van torens met schietgaten. Cassel is dan ook één van de poorten om Vlaanderen binnen te komen. De andere is Kortrijk.

Roemloze aftocht in de modder

8 juni 1347. Jan van Normandië begint aan zijn stormloop op Cassel. De Fransen stellen zich fanatiek op. De inname van Cassel als voorbereiding van een grote kuis in het Engelse kamp rond Calais. De Vlamingen slaan een eerste Franse bestorming op de stadsmuren af. Een nieuwe aanval duurt twee volle dagen en opnieuw moet Jan van Normandië zich achteruit trekken. De volgende dag start hij al direct met een derde poging, maar altijd opnieuw weerstaan de Vlamingen deze aanvallen. De Gentenaars doen zelfs meer dan dat, ze breken nu en dan eens zelf uit en doorboren de Franse aanvallers met hun pieken of ze gooien zware kettingen op hun hoofden.

Daarbij laat de Gentse wever Gillis Rypegheerst zich in ‘positieve’ zin opmerken. Tot de Fransen het hier voor bekeken houden, bij het terugtrekken hebben ze 280 volgeladen legerwagens nodig om al hun doden en gekwetsten af te voeren. Er is sprake van een verlies van 1.600 mannen, waaronder een deel edellieden en ridders. Een ander Frans leger keert nu terug om zich te wreken over deze nederlaag. Deze armee rukt op van Bethune richting Ieper, een troepenbeweging die zich afspeelt aan de achterzijde van de Vlaamse troepen. Dat heeft de Franse legerleiding goed gezien, want Vlaanderen ligt er inderdaad bij zonder verdediging en kan in principe vlot overmeesterd worden. De hele strook land langs de Leie krijgt te maken met grote verwoestingen. Merville en Estaires vallen in Franse handen.

Na de oversteek van de Leie begeven de Fransen zich nu in de richting van Mesen en Belle, ze komen met grote legerbenden voorbij langs de door brede grachten omzoomde heirbanen. In de Vlaamse dorpen klingelen de noodklokken. De landlieden grijpen hun zeisen en hun jachtspiezen. Ze krijgen de assistentie van de Ieperse bevelhebber mijnheer van Houtkerke. Zo verdedigen ze voet voor voet hun Vlaamse grond. Een leemgrond die nat en vochtig is zodat de vijandelijke paarden en wagens er in deze zompige ondergrond in wegzinken. Gevolg: de Vlamingen dwingen de Fransen tot een tweede aftocht op rij, ook al even desastreus als die bij Cassel.

Die roemloze aftocht vindt plaats rond de 1ste juli. Tijdens die eerste dagen van juli 1347 viert Lodewijk van Male zijn verloving met Margareta van Brabant. De festiviteiten van de ondertrouw gaan door in Tervuren. Willem Flotte, de kanselier van Frankrijk overhandigt het koppel een handvest met een geschenk van Filips van Valois. Aangezien het huwelijk van de graaf van Vlaanderen doorgaat met zijn goedkeuring en hij daardoor de vrede en de rust in zijn koninkrijk zal bevorderen, kan Lodewijk van Male nu rekenen op een som van 10.000 Parijse ponden en daarbovenop nog een jaarlijkse rente van 5.000 ponden.

Het toont aan hoe intens tevreden de Franse monarch is met het afketsen van dit voor hem zeer schadelijk ‘Engels’ huwelijk. De Fransman is wel niet te spreken over de ontwikkelingen rond Calais. Een inderhaast opgetrommelde krijgsmacht zal proberen om de slag aan te gaan met de Engelsen die de havenstad al een tijd in de tang houden. Naar het einde van juli komen beide legers tot binnen een half uur stappen van elkaar te liggen en ziet het er inderdaad uit dat het tot een hevige confrontatie zal komen. Tot Valois verneemt dat de Vlaamse gemeentelijke troepen Sint-Winoksbergen en Broekburg hebben verlaten en in massa komen toesnellen om Edward III te steunen tegen een eventuele Franse aanval.

Er is in de kronieken sprake van 60.000 Vlamingen onder het bevel van de markies van Gulik. Filips van Valois weet het niet meer. Hij kan in principe nog tijdig het gevecht aangaan met de Engelsen. Hij zit met de bibber, de aanval op Cassel is al ferm tegengeslagen en als zijn soldaten het nu nog tezelfdertijd moeten opnemen tegen de beide vijandelijke legers dan zal het moeilijk worden. Op 1 augustus 1347 krijgt de Franse koning het bericht dat de voorhoede van de Vlamingen, 17.000 man zich de avond voordien bij de Engelsen heeft gevoegd.

Zijn beslissing om op de vlucht te slaan bedekt hem nu nog met meer schande en oneer dan de Franse nederlaag bij Crécy. Tijdens de nacht van 1 op 2 augustus vluchten hij en zijn mannen weg uit hun kamp. Ze durven amper de tijd te nemen om hun tenten in brand te steken. Kort na de roemloze aftocht van de koning valt het doek over Calais. Vanaf 4 augustus 1347 wordt deze strategische havenstad Engels eigendom.

Uit deel 9 van ‘De Kronieken van de Westhoek’  (verschijnt einde 2019)

Article Categories:
terug naar het verleden
banner
http://www.dekroniekenvandewesthoek.be

Vlaamse geschiedenis zoals je die nog nooit beleefd hebt!

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *