banner
Jul 10, 2021
951 Views

Hoogdravend verstand

Written by
banner

1793. Gedurende deze maand van februari had het magistraat van Oostende doorgegeven aan de commandant van hun garnizoen dat er te Veurne zeer veel leveringen toekwamen voor de troepen. Enkele manschappen van deze bezetting kwamen die leveringen ophalen en ondanks alle mogelijke redenen die het magistraat ook maar kon naar voor brengen gingen alle matrassen, dekens en lakens naar Oostende.

Ons magistraat vaardigde schepen en keurheer Pieter Van Den Bussche af om naar Oostende te gaan. In volle schepencollege wees hij hen erop dat de burgers toch wel op zijn minst elk een matras hadden moeten kunnen leveren terwijl de burgers van Veurne daar nu verplicht toe waren. De Oostendenaars zwaaiden met het feit dat het allemaal wat nieuw was voor hen en ze boden een ontvangstbewijs aan van hetgeen al weggevoerd was uit Veurne met de belofte van zo snel mogelijk alles terug te bezorgen. Iets wat korte tijd later ook effectief gebeurd was.

Maar die leveringen waren nog maar nauwelijks gebeurd of die van Nieuwpoort kwamen nu ook al alles opeisen in Veurne zonder dat dit kon belet worden. De burgers van deze stad om toch maar geen soldaten te moeten logeren in hun huizen verkozen het om een matras te schenken die dan op zijn beurt betaald werd door de algemene middelen van de stad.

Op het grondgebied van de kasselrij van Veurne-Ambacht ging het gewone leven ook verder zijn gewone gang in deze Franse tijd. Op 1 februari hadden ze in Roesbrugge al de instructies gekregen hoe de vastenperiode voor 1793 moest aangepakt worden. Volgens de Ieperse bisschop kon dat gebeuren op dezelfde manier als vorig jaar. Het viel wel op dat bisschop D’Arbergh geen andere eretitels gebruikte met uitzondering van die van bisschop.

Het horen van de biecht bleef natuurlijk ook een belangrijk item. Het bleek in dat verband nog maar eens dat de émigrées baas gebleven waren op de plaatsen waar er geen magistraat aanwezig was en dat ze dus heer en meester bleven. De knecht van de Ieperse deken die de vastenbrief vanuit het seminarie van Ieper, afkomstig van de vicaris-generaal van het bisdom, vermeldde nog speciaal dat de pastoors-émigrées van andere bisdommen geen rechten konden laten gelden tegenover de lokale parochianen en hij zei dat de bisschop verwonderd was dat er hier nog altijd priesters rondliepen die daar anders over dachten.

Ondanks die beweringen had Calliau, de pastoor van de parochie Erigem onder het bisdom van Sint-Omer, die in Roesbrugge woonde nooit opgehouden van zijn diensten te doen aan iedereen die zich daarvoor aanbood. Op 3 februari werd er in Haringe en in de andere parochies van Veurne-Ambacht een kerkgebod afgeroepen vanwege commissaris Salomez en van het comité van de representanten dat de hoofdmannen binnen de 24 uur alle mannenmensen moesten opgeven – met uitzondering van de knechten – van dewelke een rechtbank zou worden gevormd.

In de stapel documenten die meekwamen kwam er toch een gewichtige kwestie naar voor en dat was of de paarden ‘cartons’ of helpers nu al dan niet moesten meegerekend worden als zijnde knechten. Wat moesten dat toch allemaal schrandere geesten zijn dat ze dergelijke moeilijke kwesties dienden op te lossen! Ze waren natuurlijk niet van de 14de eeuw zoals wij maar wel degelijk van de 19de eeuw.

Gelukkig kende ik hun hoogdravend verstand anders zou ik op hun voordeur een spreuk hebben laten plaatsen in het Latijn, maar verteld in het Vlaams zou zijn; ‘wens elkaar geluk stervelingen dat er ooit zo’n grote luister als het menselijk geslacht is geweest’.

Op 4 februari passeerden te Roesbrugge verscheidene koetsen met aan boord generaal Dumouriez, Malou-Riga, Merghelynck en anderen die naar Parijs gedeputeerd waren om wijzigingen aan te brengen van de decreten van december 1792. In de loop van februari verspreidden zich de geruchten in Roesbrugge, nieuwtjes die heimelijk en gretig gelezen werden. Over de amnestie die keizer Franciscus geschonken had aan alle Nederlanders en vooral aan diegenen die de wapens tegen hen hadden opgenomen of nog zouden neerleggen.

Deze geste van goedheid had grote indruk gemaakt op de gemoederen en velen hadden er van geprofiteerd, zoals onder andere Malou-Riga van Ieper. Hij zou er niet beter op vinden om – toen de Oostenrijkers weer meester waren in het land – een gift van 3.000 gulden te schenken aan de patriotten. De Fransen hadden ondanks al hun pogingen terzake niet kunnen beletten dat het algemeen pardon verschenen was in de Gazet van Amsterdam, maar dit nieuwsblad werd nu direct verboden.

Uit ‘De Grote Kroniek van Ieper’ – werk in opbouw

Article Tags:
· · · · · · · ·
Article Categories:
terug naar het verleden
banner
http://www.dekroniekenvandewesthoek.be

Vlaamse geschiedenis zoals je die nog nooit beleefd hebt!

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *