Twee katten aan een’ muis,
Twee vrouwen in een huis;
Twee honden aan een been,
Komen zelden overeen.
Volksspreuken waar dierennamen in voorkomen
Hij is zoo zot als ’n keezemeeze,
Als de koekoek en de pimpermeeze.
–
De hennen liggen daar allen
met hun steerten naar de markt.
(leggen weinig eiers).
–
Waar ’t aas ligt, vergaren de gieren.
–
Schrijft het op de balke, de kalvers
en zullen het niet uitlekken.
(Van een schuld die nooit betaald wordt).
–
Twee katten aan een’ muis,
Twee vrouwen in een huis;
Twee honden aan een been,
Komen zelden overeen.
–
Twee mussen aan een korenaar,
En maken nooit een vreedzaam paar.
–
Pier zit vul vier,
Lijk eene mussche vul suiker.
–
Doet ge ‘nen ezel wel,
Hij beloont u met zijn scheten.
–
Als twee honden om een been vechten,
Den derden loopt ermêe weg.
–
Er zijn paddepoten in dat lijnwaad.
(dunne of slechte plekken).
–
Trien met heur paddebillen.
(magere benen).
–
Hoe nader den hond,
Hoe nader de bete.
(het gevaar).
–
Ieder mannetje
Heeft zijn wulvetandetje.
En ieder vrouwtje
Haar schapeklauwtje.
–
Daar zijn luizen, (bloedluizen)
in ’t land.
(pemen in het land)
–
In iets betrut zijn
als een henne met 17 kiekens.
(overladen zijn).
–
Kermissen zonder danspartijen
zijn witte meerlaars.
–
De dwingelanden vallen in hun schatkamers,
lijk de eksters in hunder nesten.
–
Een eerlijk herte en ‘nen gebonden hond,
lijden veel.
–
Aan zang, spel en peerdenrennen,
Kan men eenieders zotheid kennen.
–
Wie met de honden slapen gaat,
Niet zonder vlooien op en staat.
–
’t Is verloren geschuifeld
Als ’t peerd niet en wilt pissen.
–
Hebt ge de Koekuit gehoord dè ?
(aan iemand die vroeg opstaat)
–
Uit ‘Volkskundige Almanak ’t Beertje’ van 1938
Article Tags:
almanak · danspartijen · dieren · dwingeland · eerlijk · gebonden hond · hart · hen · honden · kermissen · kiekens · Koekuit · lijden · magere benen · paardenrennen · paddebillen · schapenklauw · slapen · spel · vlooien · zang · zotheidArticle Categories:
naar de bronnen van onze taal

