Maarten Luther krijgt nog welgeteld twee maanden om zijn dwalingen te herroepen en als hij […]
Vlaanderen valt nu hoofdzakelijk te onderscheiden in twee delen. Eerst heb je ‘Vlaanderen onder de […]
De strenge beteugeling van het verzet in Poperinge, blijft niet zonder gevolgen. In het voorjaar […]
10 augustus 1792. Het noodklok roept het volk op om definitief af te rekenen met […]
2 januari 1568. Wat een hondenweer. Regen en wind geselen de Westhoek. Het noodweer houdt […]
Er rijst een geschil tussen de mensen van Veurne en die van Veurne-Ambacht. De poorters […]
Anno 1587. De prijs van de levensmiddelen blijft torenhoog. Dat komt omdat Veurne-Ambacht meer en […]
Boudewijn VII met de bijl of graaf Apken (1111). 18 jaar is hij als hij […]
12 januari 1568. Wat een hondenweer. Regen en wind geselen de Westhoek. Het noodweer houdt […]
Gallië bestaat uit drie naties. Belgisch Gallië, Celtica en Aquitanië. De bevolking is wonderlijk geneigd […]
Maandag 11 maart 1591. Ieper-markt is maar kwalijk gestoffeerd van kooplieden. Voor een stad die […]
Wonderdokteurs, wel jongen, Burgrave (Deburgrave), dat was een. Dat was een geestelijke die zijn kap over de haag had gesmeten en dat was een dokteur.
De herberg is de grote school van het zedenbederf. Het is daar dat de jongeling, die nauwelijks de schoolbanken verlaten heeft, het eerst en het meeste slechte klap hoort, het is daar dat hij de lichte vrouwspersonen tegenkomt die hem zijn eerlijke schaamte doen verliezen.
Op het gehucht Toesel staat een weinig bezijden de weg de herberg ‘De Brouwerij’ bewoond door het huishouden Depauvez-Vangheluwe, zonder kinderen.
Abt Walter krijgt problemen rond de tienden van Reningelst die het klooster heeft gekocht en betaald in juli 1251. Walter de Bareteur en zijn oudste zoon Jan die de tienden verkocht hadden, willen de transactie in 1276 terug openbreken.
Wellicht heeft Vandewynckel de hele woensdag en de volgende nacht gepiekerd over de voorgehouden scheiding en moet hij wraakplannen hebben gesmeed. Donderdagmorgen, rond 5u was Vandewynckel opgestaan en was het landbouwwerk begonnen met de paarden te gaan voederen. Dan is hij terug naar de hoeve gegaan, waar hij naar de kamer van de schoonzuster is getrokken.
Op het grondgebied van wat vroeger de bloeiende gemeente Wijtschate was, te midden een echte wildernis, woonde zekere Vandenabeele Cyrille, geboren te Geluwe op 7 februari 1865.
Vrouw vermoordt haar man met een kapmes
Adolf Verpoucke, geboren te Lichtervelde de 24se augustus 1901 en nu wonende te Noordschote, steenweg Lizerne, waar hij handel drijft in pluimgedierte en konijnen, was zaterdagnamiddag bedronken naar huis gegaan.
De schrijver keert bruusk terug naar de plaats van het gebeuren. De moord is nog niet gepleegd. Ik ben Galbert even gevolgd tijdens zijn flashback naar het verleden en in zijn gemijmer. Nu sta ik zelf weer op scherp en houd ik mijn focus op het glinsterend metaal van de zwaarden.
Men zal zich nog herinneren de schrikkelijke misdaad, gepleegd op de avond van 14 januari, langs de steenweg van Geluwe naar Dadizele, op Delrue, werkman in de gaz te Menen. Deze voorbeeldige werkman, vader van zeven kinders, werd op weg naar zijn huis, rond 7 uur ’s avonds, verraderlijk aangevallen en ’s anderendaags dood gevonden in de sneeuw
De landbouwer Hendrik Claire had sinds lang schuldige betrekkingen met een jonge vrouw aangeknoopt. Deze woonde over enige tijd nog bij hem in. Maar, omdat zijn wettelijke huisplaag het rozenpotje ontdekt had, was hij verplicht geweest zijn hartsvriendin uit de voeten te maken.
Een meisje van een elftal jaar, E. Nuyten, was ’s morgens naar de school gegaan en het moest bij de schoenmaker 75 centiemen dragen voor vermaakte schoenen.
De oude Veurnse familie heeft het, ondanks zijn horige status, ver geschopt in Brugge en heeft maar één agenda: middelen vinden om zich vrij te maken en niet langer ondergeschikten te zijn van de graaf. Het is de ideale manier om zelf de touwtjes in handen te nemen in het domein Brugge. Bertulf sluit een deal met enkele ridders, want daar hangt de klepel van de onafhankelijkheid.
Ziehier wat we vernemen wegens de moord te Elverdinge, gepleegd op de 30ste juni 1862. De man van den huize waar de moord gebeurde, is een kleine landbouwer die een weinig ten uitkante van de dorpsplaats woont en sedert enige maanden weduwnaar is.
Twee kinders, Gaston en Antoinette Sergier waren donderdagmorgen rond 7 3/4 ure op het trekpad langs de vaart van Ieper naar Komen. Op ongeveer 150 meters der brug die over de weg naar Dikkebus ligt, al de kant van de woonhuizen Glissoux, bemerkten zij twee kleine handjes die uit het water staken en dachten dat er een pop ingeworpen was geweest.
Jan, heer van Dadizele, was geboren in 1432. Als hij 9 jaar oud was, verloor hij zijn vader en werd aan de schoolmeester Jan Pochon toevertrouwd, met wie hij vier jaar te Rijsel en twee jaar te Atrecht woonde.
In de hoge middeleeuwen geldt nog steeds het Germaanse principe: de beklaagde moet zijn onschuld bewijzen! Hij wordt als schuldig beschouwd zolang hij geen bewijs van zijn onschuld kan voorleggen. Meer en meer laat de kerk zijn invloed gelden in de barbaarse rechtspleging. In de 14de eeuw zijn die barbaarse principes al helemaal omver gesmeten. De betichte is zolang onschuldig tot dat de aanklager zijn schuld op een klare manier heeft kunnen bewijzen.