Er volgt nog meer onheil voor Poperinge. Tijdens de nacht van 31 juli en 1 […]
Om goed te begrijpen wat de bevrijdingsstoet betekende voor de Poperingenaars, schetsen we beknopt de dramatische gebeurtenissen van enkele maanden voor de bevrijding van 6 september 1944. Dit verhaal is kriskras door mekaar geschreven zonder bronnen te raadplegen, zo maar uit mijn geheugen.
Hier volgt het verhaal van mijn vader Jules Depuydt, die op een dag, in het […]
Dit is een foto die in de archieven van de stad Poperinge dient bewaard te worden. Het aanleggen van de elektriciteit-te-lande te Poperinge is begonnen.
’t Waren slechte boerenjaren en een boer van ‘De Brabant’, een wijk te Poperinge, hing aan de balie. Ze waren zwart van d’armoe en een gebuur zou een zwijn gaan stelen.
Dinsdagnamiddag even voor 14u kwam in de Sint-Sixtusstraat, de auto van brouwer A. Nevejan uit Krombeke, door hem zelf bestuurd, nogal hard in botsing met een tram.
Onderstaand verhaal vonden we in een tijdschrift dat de naam draagt Durendal. In de jaargang van 1903 verscheen er onder de titel ‘Le Gris de Poperinghe’ onderhavig verhaal. Bizar, dat wel. Maar waarom juist Poperinge? We weten het vooralsnog niet. Heeft het wel iets te maken met Poperinge, behalve zijn titel?
Maandagnamiddag, omstreeks 15u30 kwam de genaamde Georges Deneire, 31 jaar oud, aannemer, echtgenoot van vrouw Angèle Lequien, vader van 4 kleine kinderen, wonende in de ‘St-Omer’, Bertenplaats te Poperinge, met zijn vernieuwde moto ‘Sarolea’, uit de richting van de Grote Markt de Rijselstraat ingereden.
Hoewel dit geen specifieke zegswijze is, wilde ik toch niet nalaten die even aan te stippen. Dr. Leon Dewulf (Poperinge) maakte me ooit erop attent dat hij tijdens een huisbezoek in de omgeving van Abele een patiënt hoorde zeggen dat de wind in het ‘kaloonegat’ zat.
In Poperinge leer ik Pieter Dathen kennen. De voorloper die voldoende welbespraakt is om het calvinisme te prediken. Een monnik met een rosse baard. Een type ‘Willem Vermandere’ maar dat is een subjectieve benadering van mijn kant waarbij elke verdere vergelijking hier mee ophoudt.
Ik begin aan het vierde hoofdstuk dat zal handelen over de voornaamste leiders van de protestantse geloofsmilities hier in Poperinge. Pieter Dathen, Jan Denys van de evangelische militie, Jacob de Buzere, Frans-Antoon de Swarte, pater Willem, Gilles du Mont en Sebastiaan Matte.
Onder alle Vlaamse steden van tweede rang schijnt Poperinge die te zijn waar de lakennijverheid zich het krachtigst ontwikkelde. In de 12de eeuw behoorde ze tot de Lonse Hanze.
Topografische indeling: volgens een systeem van topografische verdeling, vroeger bijna over gebruikt in Vlaanderen, werd de parochie Vlamertinge verdeeld in ‘houcken’. Er waren in totaal 23 ‘houcken’:
Maandag, in de vooravond kwam J. Deneire van Poperinge, met paard en koets van Ieper naar Poperinge.Niet ver van de herberg Breda, dicht tegen Vlamertinge, zag hij een motorfiets ontredderd ten gronde liggen en een tiental meter verder, aan de zijkant van de baan, zag hij een man bewusteloos en gekneusd uitgestrekt.
We vertrekken naar het jaar 590. Naar Luxeuil-les-Bains in het Franse departement Haute-Saône. Niet zo ver van Zwitserland. De heilige Columbanus, een Ierse monnik en missionaris van het Keltische christendom, sticht er met zijn elf gezellen een klooster in een voormalig Keltisch heiligdom dat in 451 was verwoest door de Hun Attila.
Op een dag in mei van het jaar 1784, stapte Jan Victoor, een struise jonge man, door de Koekuitdreef. Hij had de stad Poperinge pas verlaten langs de Pottestraat en was nu in ’t open veld gekomen. Hij ging voorbij de herberg De Koekuit, waar reeds enkele voorbijgangers binnen zaten. Dit volk ging ook naar het klooster van Sint Sixtusbos, waar vandaag de inboedel verkocht werd.
Zoudt ge ’t niet ommeslaan! Het is nu al de derde keer in een tijdverloop van zes maanden dat ze de tramuren veranderen, en nog altijd is ’t evenveel appels of peren! Verbeteren ze het aan de ene kant, het verslechtert aan de nadere kant.
Een moordpoging gepleegd door een 20-jarige jongeling op een herbergierster uit de Pottestraat heeft hier zaterdagnamiddag de bewoners van deze wijk in opschudding gebracht.
Camille Vanhalme was zondag op gezondheidswandeling per velo toen hij door een nauw wegeltje reed dat aan de boord van een put lag. Opeens viel de jongeling en hij plofte tot over de kop in het water en slijk. Verscheidene personen moesten hem ter hulp komen en uit de modder trekken.
Dank zij die nieuwe keure krijgen de Ieperse gilden nu de mogelijkheid om die voorheen moeilijk aan banden te leggen randindustrie, onder de knoet te krijgen. De vaak gegoede poorters van Ieper, Brugge en Gent bezitten al decennia de macht van het geld.
Vanaf het jaar 1000 blijft trouwens niets zoals het was in Europa. De opinies en de zeden van de mensen ondergaan grondige wijzigingen. Het fenomeen van de steden steekt de kop op. In het prille Vlaanderen zien we hetzelfde gebeuren. De opkomst van onze steden heeft duidelijk zijn oorzaken. Eerst en vooral heeft de Romeinse bezetting die verschillende eeuwen geduurd heeft zowat het eigen cultureel erfgoed gewist. De mensen kunnen niet langer terugvallen op hun oude tradities want die zijn er niet meer.
Petrus Behaeghel, koopman in oude ijzer, 45 jaar oud, geboortig van Langemark en thans wonende te Zonnebeke in de Spilstraat, was sedert 7 maanden verlaten van zijn vrouw die zich was komen vestigen in Neerwaasten.
Walbert heeft al een hele tijd geleden voor Bertinus gekozen als zijn favoriete zielenherder. Hij gaat hem regelmatig opzoeken en verlaat de abdij nooit ofte nimmer zonder eerst de speciale zegen van de abt gevraagd en gekregen te hebben. Toch riskeert hij op een bepaalde dag (hij moet om een of andere reden dringend vertrekken) de abdij te verlaten zonder die zegen. Hij is nog maar pas vertrokken als zijn paard struikelt en hij met een harde smak op de rotsachtige bodem valt.
Het gehucht Abele, ongeveer 5 km ten zuiden van de dorpsplaats van Watou, is waarschijnlijk zijn ontstaan verschuldigd aan de Romeinse heirbaan die loop van Cassel door Steenvoorde, Abele, Poperinge en Esen naar Brugge. Dit punt is een natuurlijke rustplaats voor reizigers tussen Steenvoorde en Poperinge. Er is daar een station van de spoorweg gekomen na het leggen van de baan van Poperinge naar Hazebrouck.
è goat nie up mijn hoofd schijt’n
è wild è bitje te veel up zijn hoofd zett’n
je moe’s è kee zien loop’n mit heur’n kop in de lucht
De naam van de gemeente die men heden als Watou spelt, vindt men in de Latijnse oorkonden van de middeleeuwen als Watua; soms ook, in Franse en Vlaamse geschriften, zal men om de beurt Watewe, Wateeuwe, Watue en Watuwe aantreffen
Twintig mijlen in het rond was er geen betere ambachtsman dan Jan. Hij hanteerde op een meesterlijke wijze even goed de weversspoel en het houthakkerskapmes als de eenvoudige platte hamer van de koordvlechter. Hij was een opgewekt man, van een uitzonderlijke gestalte, die een buitengewone kracht bezat.
Met Pameltje die zoals gewoonlijk al de bazen en bazinnen heeft te been gebracht, is de kermisweek afgelopen en keert Poperinge onder de slaapmantel terug waaronder het sedert zo lange jaren tot zijn nadeel ligt te kwijnen. Dank zij aan de plichtige werkloosheid van zijn bestuurders die niets weten in te richten om het leven in stad te onderhouden en het door welgepaste feesten soms te vernieuwen.