Ik heb de stad Nieuwpoort achter me gelaten ergens rond 1558. Op dat moment in […]
Voor ik het goed en wel besef, zit ik dus opnieuw verzeild in de jaren […]
In 1402 eist Filips de Stoute van de heer van Diksmuide om duizend jonge mannen […]
15 april 1437. Terwijl de situatie wat onduidelijk is in Brugge breekt nu oproer uit […]
De eerste zondag van de vasten, 11 maart 1128, brengt nieuwe tijdingen met zich mee. […]
Alles is weer eens beslist boven de hoofden van het gewone volk. De situatie is […]
De villa ‘Pupurningahem’ situeert zich langs de grote Romeinse heerweg. De plek zelf zit diep […]
In 1428 komt Filips de Goede zelf naar Cassel. De lokale wethouders zijn ontevreden dat […]
Ik focus me op Veurne. Hoe verteert deze Westhoekstad – eiland tussen water en land […]
Het tweede deel van de Veurnse jaarboeken Ik zoom in op het tweede deel van […]
Als wanneer iemand meermaals verandert van gedacht zegt men gemeenlijk: ‘hij heeft zoveel gedachten als geirnaars poten!’
’t Wos ol è gheilen tied e leèn dak k’ik nog è wandelienge è doan he’n in de buitencoté van Ieper, en woarlik ‘k he’n verschoten os k’ik dat oltemole zag, nieuwe huyzen en schonne wit, den einen nog schonder of den anderen.
Jan van Dadizele was begerig van die twee weldaden aan zijn eigen heerlijkheid te bezorgen en hij kreeg van zijn opperheer Filips de Goede een brief van inrichting van jaar- en weekmarkten. Die brief werd gegeven te Brussel in de junimaand van 1462. Hij was geschreven in het Frans en is in onze Franse druk voortgebracht.
‘Met al die kinders’, zegt Madeleine, ‘ge zoudt er met geen stok door slaan. Ik weet oprecht niet waar eerst aan begonnen.. De een roept alhier; de ander jankt al ginder.
De lakenhallen, het belfort, de Menenpoort,
de stad en zijn straten.
Trotse symbolen van een nieuwe tijd,
ze schreeuwen om vrede.
Het Oosterse Rijk, uiteindelijk, of het Oster-Rike, kwam aan Sigebert die in zijn deel Auvergne, het noordoosten van Gallië en Germanië tot aan de grenzen der Saksen en Slaven bezat’. Vlaanderen, met de Westhoek als uiteinde aan de grote zee was de ooit de tegenhanger van de oostelijke gebieden van Gallië. Ons land kon dus net zo goed Westenrijk genoemd zijn en net zoals Oostenrijk de tanden van de tijd overleefd hebben.
Langtongerij en achterklap Een kwaal, een ware pest, op onze dagen, als ik het zo noemen mag, heerst tegenwoordig zowel in de stad als op de landelijke gemeenten.
2154 jaar voor Christus. Eerste cronicke. Beginnende van den aldereersten oorspronk, der vermaerde stadt Iper […]
Een slechte kerel van Veurne wilde weten hoeveel heksen er wel in de stad waren; daarom besloot hij ze eens in ’t bijzijn van geheel de gemeente in de kerk op te sluiten.
Toch is dit geen stad
van liggen.
Hier staat een stad.
Het roert, rumoert.
Het glas is vol.
De tafel ook.
Wat een moment om ruzie te maken? De jaarboeken van Veurne zijn ongetwijfeld geschreven door […]