De Latijnse schrijvers van die tijd geven bitter weinig aanwijzingen in hun geschriften en ook […]
Er bestaat dus niet het minste bewijs dat de Romeinen een nederzetting hebben in de […]
12 juni 1917. Wat een schouwspel moest het dezer dagen geweest zijn van op de […]
9 juni 1917, zaterdag. Het terrein dat onze troepen veroverd hadden tijdens de Slag om […]
Anno 1917, op de 7de juni, donderdag. Volle maan en een prachtige zomernacht. Het eerste […]
Anno 1914, op de 2de november, maandag. Allerzielendag. In de sacristie zei mij een Franse […]
Donderdag was de 29-jarige Jerome Bouckenooghe van Wijtschate, een gekende obusklopper, nogmaals op zoek naar […]
In het bisdom Brugge wordt Sint Medardus als patroonheilige vereerd te Eernegem. Wervik en Wijtschate. Op sommige plaatsen wordt hij voor het bekomen van schoon weer. Het volksgeloof wil namelijk dat, wanneer het op zijn feestdag regent,het dit gedurende 6 weken ononderbroken zal doen.
Was de streek tussen leper en Poperinge midden de twaalfde eeuw nog een onbewoonde, eenzame, eindeloze woestenij? Zo beweren de meeste geschiedschrijvers, o.a. Edmond Poullet en Victor Brants.
De grote apostel Paulus handelt in een van zijn brieven over gevangenschap en geseling, over steniging, over plunderen en schipbreuk, en menigvuldige doodsgevaren die hij moest doorstaan. Leefde hij op onze dagen, dan zou hij gewis ook spreken over spoorwegrampen.
Wonderdokteurs, wel jongen, Burgrave (Deburgrave), dat was een. Dat was een geestelijke die zijn kap over de haag had gesmeten en dat was een dokteur.
De herberg is de grote school van het zedenbederf. Het is daar dat de jongeling, die nauwelijks de schoolbanken verlaten heeft, het eerst en het meeste slechte klap hoort, het is daar dat hij de lichte vrouwspersonen tegenkomt die hem zijn eerlijke schaamte doen verliezen.
Uit Wijtschate Over 14 dagen was het alhier de gemeentekermis. Dat de feestelijkheden weinig belang […]
Wat, riep onze boffer, ge durft laten horen dat mijn beestjes maar vorderen als een slak tegen een boomstam. We zullen het eens gaan zien. Morgen zal ik mijn nieuwe langoor inspannen en naar Ieper rijden. Ge zult eens zien hoe ik zal vorderen, als een pijl uit een boog.
Door de overbevolking, de slordigheid van de soldaten en alle gemis aan reinigheidsdienst en misschien nog Veel andere oorzaken is een ziekte ontstaan op de streek, een afloop die bijna algemeen wordt. Sommige mensen lijden er weinig door, doch bij Veel oude en kranke mensen wordt die plaag dodelijk.
Maandagnamiddag, omstreeks 15u30 kwam de genaamde Georges Deneire, 31 jaar oud, aannemer, echtgenoot van vrouw Angèle Lequien, vader van 4 kleine kinderen, wonende in de ‘St-Omer’, Bertenplaats te Poperinge, met zijn vernieuwde moto ‘Sarolea’, uit de richting van de Grote Markt de Rijselstraat ingereden.
Op het grondgebied van wat vroeger de bloeiende gemeente Wijtschate was, te midden een echte wildernis, woonde zekere Vandenabeele Cyrille, geboren te Geluwe op 7 februari 1865.
5 november, donderdag. – De nacht is tamelijk kalm. Rond 5 uur doen de Fransen een contreattaque. Het gaat er buitengewoon geweldig, in den voornoen wat min, doch in den. achternoen erger dan ooit. Verscheidene Duitse krijgsgevangenen worden ingebracht en onderhoord in de onderpastorij. Zij vertellen dat de keizer hier op het front is. Kost wat kost moeten zij hier doorboren.
Maandag was het de beurt aan Mesen om het gedenkteken in te huldigen ter nagedachtenis van het ‘Londen Scottish Regiment’. Dit beroemde regiment heeft zich in de gevechten bij Mesen-Wijtschate met roem beladen.
Er bestaat dus niet het minste bewijs dat de Romeinen een nederzetting hebben in de laaggelegen graslanden van Ieper, daar waar eeuwen later de ‘Burgus de Ipra’ zal gebouwd worden. Op een archeologische kaart van historicus Vander Maelen staat vermeld dat er in de buurt van Ieper Romeinse munten worden gevonden. Rond 1872 worden er in Ieper inderdaad verschillende stukken aardewerk opgegraven onder de funderingen van een woning ter hoogte van de veemarkt. De veemarkt bevindt zich dan dicht bij de Ieperlee bij de uitgang van de stad.
De volgende dag reed ik over de kam, deels met de tank, en nooit zal ik de aanblik vergeten. Ik herinner mij zo goed hoe ik, bij het betreden van een betonnen schuilplaats nabij Spanbroeken, onze grootste trechter, er vier Duitse officieren vond om tafel gezeten – allen dood – getroffen door de weerslag. Zij hadden kunnen bezig zijn met bridge te spelen. Het was een akelig zicht – geen van hen had enige verwonding.
p de wijk Helletje te Wijtschate wonen de echtgenoten Verhelst, wier zoon dezer dagen op de markt van Ieper een groot stuk vlees had gekocht dat hij naar huis bracht.
Er komen nog twee wegen ten noorden van de Ijzer en ook verschillende kleinere wegen, ‘diverticulata’ zien het levenslicht. De grote militaire steenweg tussen Cassel en Bavay loopt via Dranouter, Wijtschate en Wulvergem en gaat verder via Wervik aan de Leie en via Doornik om uiteindelijk Bavay te bereiken waar 7 andere heirbanen hun aansluiting vinden. De onverharde weg van Cassel naar de westelijke Schelde loopt voorbij Watou en Poperinge en dan verder via Bikschote, Oost-Vleteren, Noordschote en Merkem naar de buurt van Diksmuide en dan verder noordoostwaarts naar Gent en de Hont.