De belegering van Ieper sleept zich voort tijdens cde zomer van 1383. De graaf van […]
Dertien Noorse schepen meren aan in de pagus Iseretius. Er wordt wat vee gestolen en […]
Bij Broodseinde ligt de Maarlestraat. In Duitsland, Engeland, Frankrijk, België, Nederland en daarbuiten krioelt het […]
Tussen Woemen, Eessen en Dixmude staat in de 13de eeuw een vrouwenklooster dat de naam […]
Er worden pas vanaf het jaar 1000 fysieke sporen van enige bewoning terug gevonden in […]
Enkele jaren geleden, bij het schrijven over de geschiedenis van Diksmuide, heb ik het pad […]
Anno 1916, op de 16de januari, zondag. Ik beleefde beslist een bewogen eerste dag in […]
Slechte dromen Anno 1915, einde februari. Ook mijn dag was aangebroken om naar de loopgraven […]
Anno 1916, op de 15de januari. Na twee slapeloze nachten op de trein hadden we […]
Anno 1915, op de 17de april, een zaterdag, werd toch nieuwe hoop gewekt. Om 19u […]
Groot feest in Zillebeke Anno 1927, op de 10de van de januarimaand vond een eenvoudig […]
Anno 1917, op de 7de juni, donderdag. Volle maan en een prachtige zomernacht. Het eerste […]
Dinsdag is er weer te Zillebeke (Sint-Elooi) een vreselijke ramp gebeurd. Verscheidene personen, mannen en vrouwen, hadden een hele hoop houwitsers, granaten en bommen verzameld en zaten in ’t ronde van al die ontploffingstuigen.
Wider weunden hier niet verre van de vaart en up en avond komt er hier e wuvetje binnengelopen tenden (buiten) asem en al roepen “’t Is daar e verkeer, en ’t ruttelt met ketens, ’t is de waterduvel, ’t is de waterduvel.”
Bellewaerde kasteel en park als toeristische attractie toegankelijk gesteld voor het publiek op zaterdag 3 […]
Wat is d’ Heilige Kerke?
Een gebouw van moortel en steen,
van boven nen torre,
van onder een schorre,
van binnen ne zak
waar elkendeen z’n pennink in stak.
Is aldus misschien de gewoonte ontstaan die nog op vele plaatsen van onze Vlaamse buiten bestaat, om de pastoor en aan sommige notabelen bij een zwijnsslachting een geschenk te dragen, een ‘zwijnefruute’ zoals men in het noorden of een ‘zende’ zoals men in het zuiden van West-Vlaanderen zegt.
Sedert enige dagen waren twee personen van Izegem hier op zoek naar oorlogsbuit. Ze hadden het vooral gemunt op koperen koppen van obussen. Zaterdagnamiddag rond 3u30 waren ze wederom aan hun gevaarlijk werkje bezig dicht bij de wijk ‘Zwart Leen’.
Op een paar honderd meter van de dorpsplaats ligt Zillebekevijver. Ingesloten door stevige oevers en omringd door weelderig loofhout, rustig deinend jaar in jaar uit, is hij een brok aantrekkelijke natuur die de wandelaar van alle seizoenen aanlokt.
Den 21 mei 1901, het convooi dat van Yper naar Kortryk vertrekt ten 9.30 u. ontriggelde gedeeltelijk aan de hofstede bewoond door Wed. Bostyn, wanneer vyf koebeesten, men weet niet hoe, waren gebroken uit de weide die langs den ijzerweg ligt, die daar juist een kromte maakt.
Op 12 maart 1579 arriveren er in Elverdinge honderd Waalse ruiters. Ze blijven er vier dagen en de inwoners moeten zorgen voor hun soldij. Twee schellingen per man en per dag en daarna vertrekken ze terug naar Roeselare van waar ze gekomen zijn.
Jan Taccoen schijnt geleefd te hebben voor en van zijn reis naar het H. Graf. De reis heeft hij eigenlijk driemaal aangepakt.
Aan het noorden de haven van “Brielle”, waar de Iepere de stad bereikte en in het zuiden de nederzetting van het Saelhof, waar het water uit de Leie de stad bevloeide. Het lijkt een logische gevolgtrekking van het afzonderlijk ontstaan van het St.-Maartenskwartier met zijn castellum (de 3 toren kasteel) en het Sint-Pieterskwartier rond het haventje en de aanlegsteigers van het Saelhof.
De leeggelopen kust- en Scheldestreek is al vanaf de 4de eeuw deels herbewoond door Saksische groepen die hun Germaanse cultuur en taal met zich meebrengen. Daarvan getuigen de ontelbare Germaanse dorpsnamen die we op vandaag nog kennen. De Salische Franken zelf vestigen zich in de 5e eeuw in het huidige Noord-Frankrijk en Wallonië, vooral rond de steden Kamerijk, Doornik en Bavay.
Onze gedachten glijden verder weg op zoek naar de herinnering van soldaten en handelaars die veel eeuwen voor ons die weg hebben afgelegd in hun zoektocht naar gewin of victorie. Maar laat ons verder stappen in onze tocht naar Pupurningahem dat twee mijl van ons verwijderd ligt. Haastig zetten we de laatste etappe van onze trip verder. We houden noodgedwongen halt aan een waterloop die ons pad doorsnijdt. Het is de Fleterna rivier. Het water van de Vleterbeek, ontsprongen op de Catsberg, stroomt hier in volle snelheid naar de Saksische kust, de Littus Saxus. We stappen over de primitieve brug gemaakt van stenen en rotsen en eindelijk komen we aan bij de antieke residentie van Pupurn.
Er komen nog twee wegen ten noorden van de Ijzer en ook verschillende kleinere wegen, ‘diverticulata’ zien het levenslicht. De grote militaire steenweg tussen Cassel en Bavay loopt via Dranouter, Wijtschate en Wulvergem en gaat verder via Wervik aan de Leie en via Doornik om uiteindelijk Bavay te bereiken waar 7 andere heirbanen hun aansluiting vinden. De onverharde weg van Cassel naar de westelijke Schelde loopt voorbij Watou en Poperinge en dan verder via Bikschote, Oost-Vleteren, Noordschote en Merkem naar de buurt van Diksmuide en dan verder noordoostwaarts naar Gent en de Hont.
Boudewijn de imperialistische trekjes geërfd van zijn voorouders. Als hij de kans krijgt om aan de oostelijke kant van de Schelde een gebied te verwerven ter grootte van zijn bezit aan de Westelijke kant, waarom zou hij dan nog twijfelen?