In de nacht tussen woensdag en donderdag zijn er dieven een bezoekje komen brengen aan mijnheer G. Clarys.
West-Nieuwkerke
In de nacht tussen woensdag en donderdag zijn er dieven een bezoekje komen brengen aan mijnheer G. Clarys.
Ze zijn binnengekomen langs een achtervenster, hebben geheel het huis doorwandeld en al de kamers bezocht, zelfs deze waar de huisgenoten sliepen.
En ze sliepen vast, want niemand heeft iets gehoord of gezien. De misdadigers hebben hun stoutmoedigheid zo ver gedreven dat zij van bij het bed een broek weggenomen hebben om er de beurzen van af te tasten. Maar zonder goede uitslag, daar ze niet fijn genoeg geweest zijn om het heimelijk achterbeursje te ontdekken.
Verder hebben ze een stuk kaas meegenomen, een weinig kleingeld, enige flessen wijn en eindelijk een paar ‘Jumellen’.
Geen andere spoor hebben ze nagelaten, tenzij menigvuldige afgebrande sulferstekjes hier en daar rondgestrooid, die ze gebezigd hebben om licht te maken.
Of die afgebrande sulferstekjes enig licht zullen bijbrengen om het gerecht te geleiden in het opzoeken der plichtigen, valt nogal te betwijfelen.
–
Uit de krant van 1912 – www.historischekranten.be –


