banner
aug 7, 2020
1704 Views

Koeketientjes

Written by
banner

Kloek en gezond

Kloek en gezond zijn was, bij manier van spreken, het statussymbool van de werkman. Vandaar de vele woorden en zegswijzen die men met fierheid en bewondering gebruikte om een gezond mens aan te wijzen.

Je kunt het vuur uit zijn muil slaan. Je kut ’t fieër uut s’n muule sloan. Hij blaakt van gezondheid.

Ontegensprekelijk is deze zegswijze ontstaan uit de vergelijking die werd gemaakt met de vuurslag of de aansteker: door het tegen mekaar slaan van vuurstenen of door hard en snel twee stukken hout tegen mekaar te wrijven kreeg men een vonk, die vuur veroorzaakte.

Hij is zo rood lijk een ‘kokkenhaan’ (haan). En is so roèd lik e kokkenoane. Hij is zo rood als een haan.

Zo rood gelijk een haan; (Fr. rouge comme un coq). Bij deze uitdrukking worden de veren van de haan bedoeld. Deze vergelijking wordt vooral gebruikt, als men spreekt van iemand die een zeer rood gezicht heeft, hetzij uit schaamte, hetzij uit gramschap, hetzij van nature uit.

Kokkenhane, kokkenhenne, kokkenei: merkwaardig hoe kinderen de kippenwereld een extra dimensie geven. ‘Kok’ is afgeleid van het geluid dat kippen maken.

Ze staat rood in haar kam, ze gaat ’te fète’ (weldra) leggen. Ze stoa roèd in neur’n kam, ze go te fète leg’n. Spottend gezegd van een vrouw met hoogrood gezicht. Met ‘leggen’ wordt wel bedoeld ‘een ei leggen’.

Hij heeft een aangezicht lijk een tomaat. En eden aanzichte lik e tomatte. Hij heeft een rond, blozend gezicht.

Het woord ’tomaat’ is ontleend aan het Spaanse ’tomate’ en het Franse’ tomate’. (let maar eens op de uitspraak van het woord in het Poperings dialect. Eigenlijk is het woord ontstaan uit het Mexicaanse woord ’tomatl’.

In de 17e, 18e en 19e eeuw werd de plant als sierplant gekweekt en werd ze af en toe als geneesmiddel aangewend. Vanaf het midden van de 19e eeuw beginnen sommigen de vrucht te eten, maar het is pas op de vooravond van de Eerste Wereldoorlog dat de tomaat als groente wordt opgediend.

Hij heeft een aangezicht lijk een pioen. En ed en aanzichte lik e pioene. Hij heeft een rood gezicht.

Hij heeft een muil als een volle maan. En ede muule lik e vulle moane. Hij heeft een dik en rond gezicht.

Het is een beer van een vent. ’t Iz e bèr van e vent. Het is een sterke kerel.

Het is een gildige. ’t lz e gèld’g’n. Het is een struise, grote, sterke, kloeke, geduchte kerel.

Het is een gestuikte. ’t Iz e gestuukt’n. Het is een zwaargebouwde, ineengedrongen en gespierde kerel. Meestal wordt het woord verbonden met ‘kort’: ‘een korten gestuikten’.

Hij is wel gememberd. En is wel e memb’rt. Het is een sterk gespierde kerel. Dit woord is afgeleid uit het Frans ‘être bien membré’, ‘goed voorzien van ledematen’.

Het is een ruusbuus. ’t Iz e ruuzbuus. Het is een harde kerel, die tegen een stootje kan, een onversaagd en vrijmoedig mens, die er met vuile voeten doorgaat, die geen moeite vreest uit de weg ruimt.

Het is een met veel ‘durei’ in. ’t [z eeèn mi feele duurei in. Hij bezit veel werklust, met veel moed, met veel kracht.

Het is een herkuul. ’t lz en herkuul. Het is iemand met veel macht, een krachtpatser. Hercules (Grieks: Herakles) was als halfgod een mythologische figuur en nationale held in het antieke Griekenland.

Hij is van ijzer en staal. En ifan yz’r en stoal. Hij kan fysisch veel doorstaan.

Het is een van drie maal zeven. ’t lz eeèn van dry maal zeev’n. Hij voelt zich fysisch nog erg jong.

‘Drie maal zeven’ betekent zoveel als 21 jaar oud: het moment waarop men (tot enkele jaren geleden) officieel volwassen werd. Het was niet altijd zo. Vóór de Franse revolutie (1789) was men pas volwassen wanneer men 25 jaar oud was geworden. Tot die leeftijd werd men o.a. als wees beschouwd als de ouders overleden.

‘Zeven’ is volgens de bijbel ook een heilig getal, een kabbalistisch getal, en ‘drie maal zeven’ betekent dan zoiets als ‘zeer heilig’.

Wellicht is de combinatie van deze twee telwoorden ontstaan uit het feit dat het leven van een mens tot het 21e jaar in drie perioden van zeven jaar ingedeeld kan worden: kindsheid, jeugd en puberteit.

Hij is in het fleur van zijn leven. En iz in ’tfleur van z’n leev’n. Hij kan alles aan, hij is in de mooiste tijd van zijn leven.

Je kunt een sulfer ontsteken aan zijn kaken. Je kud e suefr onsteek’n an z’n koak’n. Hij heeft danig blozende wangen, dat een lucifer zou ontbranden als hij ermee in contact komt.

Voor de uitvinding van de lucifer was het niet gemakkelijk om een vuurtje aan te steken. De Romeinen waren de eersten die een houten stokje gebruikten om een vuur te maken. Houtsplinters werden in gesmolten zwavel gedoopt. De zwavel stolde daarna. Doordat zwavel gemakkelijk ontbrandt, kon nu gemakkelijker een nieuw vuur aangemaakt worden, maar het waren geen lucifers, zoals wij die kennen, want nog steeds had men een ander vuur nodig om het stokje tot ontbranding te brengen. De lucifer zoals wij die kennen maakt gebruik van wrijvingswarmte. Een stokje met een kopje van fosfor wordt langs een ruw oppervlak gestreken en ontbrand. In 1827 bedacht de Engelse drogist John Walker, dat vuur, zuurstof nodig heeft. Hij maakte een lucifer, waarbij het kopje bestond uit licht ontvlambaar zwavel en een stof die bij verhitting zuurstof produceerde. De Zweed Gustave Pasch perfectioneerde de lucifer in 1844. Hij bedacht de zogenaamde ‘veiligheidslucifer’, waarbij de lucifer tot ontbranding komt door het langs de speciaal daarvoor vervaardigde zijkant van het luciferdoosje te strijken. De zijkant van het doosje bevat de fosfor, die de paraffine van het luciferkopje laat ontbranden. Bij dit soort lucifers kan de lucifer dus alleen vlam vatten als de gebruiker de lucifer over de zijkant van het doosje strijkt.

Hij staat vol vuur en vlam. E stoaful vieër en vlamme. Hij staat klaar om grootse dingen (?) te doen.

Hij heeft het vuur in de bus. En et fieër in de busse. Hij is gehaast. Mogelijk komt dit gezegde van het Middelnederlandse ‘bosse’ of ‘busse’, wat een ‘vuurroer’ of een ‘kanon’ betekent en wordt in deze zegswijze verwezen naar de ‘busse’ of naaf van een wiel. Het gebeurde wel eens dat door een overmatige wrijving oververhitting optrad, waardoor vuur ontstond in de ‘busse’.

Hij heeft gezondheid te koop. En e chezoenteet te koope. Hij is kerngezond.

Het is een zonnebloem. ’t Iz e zunnebloeme. Hij of zij blaakt van gezondheid.

Als een klein kind blaakt van gezondheid, zegt men: “t I ful koeketientj’s’ of ‘Het is vol koeketientjes’. Koeketientjes zijn kleine rode vlekjes op het lichaam die erop wijzen dat het kind kerngezond is.

Hij is dubbel gelet. En i: dub’l e let. Hij is goed gespierd. Afgeleid uit het feit dat hij lange vingerkootjes heeft.

Uit ‘Van de wieg tot het graf’ – Spreekwoorden en zegswijzen uit de Westhoek – van Willy Tillie (2005)

Article Categories:
uitgelicht · Verweerde spreekwoorden
banner
http://www.dekroniekenvandewesthoek.be

Vlaamse geschiedenis zoals je die nog nooit beleefd hebt!

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *